Werkgever mag min-uren niet compenseren met verlofdagen

0

Een supermarkt sluit een arbeidsovereenkomst met een cassière voor 40 uur per week, maar roostert haar wekelijks vaak voor minder uren in. De ‘min-uren’ merkt de supermarkt aan als verlofuren. Het Hof oordeelt echter dat dit niet mag.

De feiten

Een supermarkt sluit een arbeidsovereenkomst met een cassière voor 40 uur per week. De supermarkt betaalt steeds 4 weken loon vooruit. De werkneemster wordt wekelijks voor minder dan 40 uren ingeroosterd. Achteraf registreert de supermarkt de ‘min-uren’ als verlof- en atv-uren. In oktober 2009 wordt de werkneemster geschorst en vrijgesteld van werkzaamheden tot het einde van haar dienstverband, twee weken later. De werkgever betaalt deze periode niet uit, maar merkt de dagen aan als verlofdagen.
Omdat door deze handelswijze meer verlofuren zijn ‘opgenomen’ dan waar de werkneemster recht op heeft, is een negatief verlofsaldo ontstaan. Het negatieve saldo aan vakantie-uren en het positieve saldo atv-uren verrekent de werkgever met de laatste twee salarisbetalingen. De vrouw vordert voor de rechter uitbetaling van het negatieve saldo aan verlofdagen, de gecompenseerde verlofdagen, haar atv-dagen en haar loon over de periode waarin zij geschorst was. De rechter wijst haar vordering af, omdat zij deels niet aan haar stelplicht heeft voldaan en haar vordering deels niet voldoende heeft onderbouwd. Ze gaat in hoger beroep.

Oordeel Hof

Het Hof veroordeelt de supermarkt tot betaling van het negatieve verlofsaldo en de gecompenseerde verlofdagen. De eis om atv-dagen uit te betalen wijst het Hof af. Tijdens de schorsing mocht de werkgever twee dagen het loon inhouden. De overige dagen dat de werkneemster geschorst was, moet de supermarkt alsnog uitbetalen.

Overwegingen van het Hof 

Het Hof overweegt dat de werkgever vakantie moet vaststellen overeenkomstig de wens van de werknemer, tenzij gewichtige redenen zich daartegen verzetten dan wel schriftelijk of bij cao anders is overeengekomen. Dit laatste is niet gebleken. In deze zaak heeft de supermarkt de verlofuren eenzijdig vastgesteld. Van instemming door de werkneemster is geen sprake. Artikel 7:627 (geen arbeid, geen loon) is niet van toepassing, omdat de arbeid niet is verricht door een oorzaak die voor rekening van de supermarkt hoort te komen. De voormalig werkneemster heeft daardoor haar recht op loon conform artikel 7:628 BW behouden. Van eerder teveel betaald salaris was geen sprake, omdat de werkneemster op basis van de arbeidsovereenkomst recht had op betaling van (in beginsel) 40 uren per week tegen het overeengekomen salaris. De vakantie-uren zijn ten onrechte ingeroosterd en er is zodoende ook geen sprake van een negatief verlofsaldo. De supermarkt moet het negatieve verlofsaldo en de niet opgenomen vakantiedagen uitbetalen.
In de cao voor het levensmiddelenbedrijf staat dat twee dagen kan worden geschorst onder inhouding van loon. Dat geldt niet voor de (overige) dagen dat de werkneemster op non-actief was gesteld.
De supermarkt heeft per week telkens drie uren waarop de werkneemster niet werd ingeroosterd aangemerkt als atv-uren. atv-regelingen zijn in het algemeen in het leven geroepen om het verlies aan arbeidsplaatsen tegen te gaan en nieuwe arbeidsplaatsen te creëren. De recuperatiefunctie die vakantiedagen hebben, speelt geen rol. Op grond van artikel 7 lid 1 onder a cao voor het levensmiddelenbedrijf had de werkneemster recht op 156 atv-uren, ook wel roostervrije uren, per kalenderjaar. De supermarkt mocht de atv-uren wekelijks inroosteren en hier bij eindafrekening rekening mee houden.

Gerechtshof ‘s-Hertogenbosch, 11 december 2012, LJN: BY6091.

Praktijk

Heeft een werkgever geen werk voor ‘min-uren’ dan komt dit doorgaans voor rekening van de werkgever (zie ook LJN: BG5031). De werkgever mag deze ‘min-uren’ niet compenseren door de werknemer vakantie op te laten nemen. De wettelijke vakantieregeling heeft als doel om de werknemer met het oog op werkbelasting die op hem drukt, betaald verlof te verschaffen (recuperatiefunctie). De werkgever moet de vakantie daarom vaststellen overeenkomstig de wens van de werknemer, tenzij gewichtige redenen zich daartegen verzetten of schriftelijk of bij cao anders is overeengekomen.

Deze pagina is samengesteld door de juristen van XpertHR, dé Antwoordbank. Zie ook XpertHR.nl.

Lees meer over:

Over Auteur

De redactie van XpertHR Actueel zorgt er gezamenlijk voor dat u op de hoogte blijft van het laatste P&O-nieuws, de ontwikkelingen in het vakgebied en relevante jurisprudentie.