Rechter draait ontslag op staande voet terug. En dan?

0

Regelmatig oordeelt de rechter dat een ontslag op staande voet onterecht is gegeven. De werkgever en de werknemer moeten dan samen weer verder. Maar dat gaat natuurlijk vaak mis. Zo ook in deze rechtszaak.

De situatie

Een ziekenverzorgende is al 16 jaar in dienst. Ze functioneert uitstekend en wordt door collega’ s en (ex-)patiënten gewaardeerd en als betrouwbaar gekenschetst. Tijdens een avonddienst neemt ze samen met een collega pauze. Ze aanvaarden een drankje van een ex-patiënt, in het café beneden in het gebouw. De werkneemster neemt een glas wijn.

De werkgever ontslaat haar op staande voet, vanwege het drankje en omdat de werkneemster die avond de afdeling twee keer onbemenst zou hebben achtergelaten, waarbij een patiënt 20 minuten alleen op het toilet zou hebben gezeten.

Bij de kantonrechter in een kort geding: ontslag onterecht
De werkneemster stapt naar de kantonrechter en vraagt om wedertewerkstelling en loondoorbetaling. De rechter wijst die vordering toe. De feiten over wat er op die avond voorgevallen is, zijn onduidelijk. Maar de werkgever had in dit geval een werkneemster met zo’ n lang en onberispelijk dienstverband een ernstige officiële waarschuwing kunnen geven, zeker omdat dit het enige incident was. De werkneemster heeft een inschattingsfout gemaakt, oordeelt de rechter.

Terug naar de werkplek
De werkgever en de werknemer zijn met dit oordeel weer tot elkaar veroordeeld. De werkgever laat de werkneemster weer toe tot het werk, maar op een andere afdeling. Zij moet haar taken daar deels onder toezicht uitoefenen en ze mag alleen werken als de dagcoördinator aanwezig is. Ze wordt ook niet meer ingezet op onregelmatige diensten. De onregelmatigheidsvergoeding zet de werkgever stop. De werkgever dient ondertussen een verzoek tot ontbinding in. Maar dat wordt afgewezen: de werkgever mocht niet na één avond disfunctioneren meteen het vertrouwen in de werkneemster opzeggen.

Het vervolgtraject: ziekte, mediation en een vertrouwenspersoon
De werkneemster wordt ziek; ze heeft last van spanningsklachten. Ze stelt voor om een mediationtraject te starten en later stelt ze nog voor om een vertrouwenspersoon bij de gesprekken met haar afdelingshoofd aanwezig te laten zijn. De werkgever gaat niet in op die voorstellen. Ondertussen speelt er nog een zaak over patiëntengegevens die de werkneemster in haar bezit zou hebben en dat verbetert de onderlinge verhouding ook niet. Vier maanden later heeft de werkneemster nog steeds haar oude functie niet terug, ondanks positieve evaluaties. Eind mei meldt ze zich ziek.

Werkneemster verzoekt om ontbinding met C=2
De werkneemster dient uiteindelijk een verzoek tot ontbinding in. Ze heeft alles in het werk gesteld om de verhoudingen weer te normaliseren, zegt ze, maar ze werd alleen maar tegengewerkt door de werkgever.

Het oordeel
De rechter ontbindt de arbeidsovereenkomst. De gevraagde vergoeding wordt toegekend, onder meer omdat de werkneemster zo’ n lang en vlekkeloos dienstverband heeft. Daarnaast is het nog steeds onduidelijk wat er op die avond precies is gebeurd en daarom gaat de rechter uit van de feiten die aannemelijk zijn geworden. Daaruit blijkt niet dat de werkneemster onverantwoordelijk heeft gehandeld. Verder heeft de werkgever niet als goed werkgever gehandeld; die had de werkneemster na een officiële waarschuwing moeten toelaten tot haar eigen werk, met de onregelmatige diensten en de oude bevoegdheden. In plaats daarvan heeft de werkgever haar vele restricties opgelegd en haar in het ongewisse gelaten over hoe lang dat traject nog zou voortduren.

Gegevens rechtszaak:

ECLI:NL:RBAMS:2013:5386, ontbindingsprocedure. Datum uitspraak: 12 augustus 2013.
Lees meer uitspraken in het dossier Jurisprudentie.

Lees meer over:

Over Auteur

De redactie van XpertHR Actueel zorgt er gezamenlijk voor dat u op de hoogte blijft van het laatste P&O-nieuws, de ontwikkelingen in het vakgebied en relevante jurisprudentie.