JurisprudentieProjectclausule in contracten musicalmedewerkers ongeldig

0

Een projectclausule in het contract van negen musical-medewerkers past niet binnen het gesloten stelsel van het ontslagrecht, oordeelde het gerechtshof Amsterdam onlangs.

Wat eraan voorafging

Een aantal musical-medewerkers had een arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd met daarin een ‘projectclausule’. Die hield in dat de overeenkomst als een productiegebonden overeenkomst werd bestempeld en ook eerder dan de in het contract genoemde einddatum kon eindigen, namelijk op het moment dat de productie zou stoppen. In acht van de negen overeenkomsten stond ook nog vermeld: ‘Wanneer de laatste voorstelling plaatsvindt is afhankelijk van diverse externe factoren.’ De arbeidsovereenkomsten liepen respectievelijk tot eind oktober 2016 en januari 2017. Eind mei 2016 kregen de medewerkers te horen dat de productie werd stopgezet op 30 juni 2016 en dat daarmee ook de contracten eindigden op die datum. De medewerkers spanden een kort geding aan. De kantonrechter oordeelde dat de projectclausule toelaatbaar was en de overeenkomsten daarmee op de juiste manier beëindigd waren.

  • Wil je meer jurisprudentie lezen over de ontbindende voorwaarde? Kijk hier >>>

Hoe het afloopt

In hoger beroep oordeelde het hof dat de projectclausule niet past in het gesloten stelsel van het ontslagrecht, vanwege de te ruime formulering en de subjectieve waardering van de omstandigheden waarin de clausule in werking treedt. Er kunnen namelijk vele redenen zijn om een productie stop te zetten, en in dit geval heeft het musicalbedrijf drie verschillende opties – ‘meteen stoppen’, ‘nog even aanzien’ en ‘over de zomer heen tillen’ -overwogen, doorgerekend en besproken met de financiers.

De wettelijk bepaalde preventieve ontslagtoets wordt door de clausule omzeild, oordeelt het hof. Als een werkgever, zoals in dit geval, een bedrijfseconomische afweging maakt dan hoort het ontslag getoetst te worden door het UWV. Het hof laat ook meewegen dat het voor de werknemers niet duidelijk was bij welke externe factoren de productie zou worden stopgezet. Als er in een arbeidsovereenkomst al gebruik gemaakt wordt van een ontbindende voorwaarde moet die voorwaarde een keuzemogelijkheid van de werkgever uitsluiten.

Het hof oordeelt dat de arbeidsovereenkomsten niet zijn geëindigd door het stopzetten van de productie.

In de praktijk

Een beding als waar het in deze rechtszaak om gaat, mag worden opgenomen in een arbeidsovereenkomst maar de formulering moet wel scherp zijn. In het geval van theaterproducties kan bijvoorbeeld gedacht worden aan toetsbare voorwaarden zoals een minimum aantal kaarten dat voor een bepaalde datum verkocht moet zijn.

Uitspraak: ECLI:NL:GHAMS:2017:163,  24 januari 2017

  • In samenwerking met XpertHR plaatst de redactie een praktijkvraag. Deze vraag wordt beantwoord door juristen van XpertHR. XpertHR biedt arbeidsrechtelijke informatie, juridisch advies, praktische tools, praktijkcases, checklists en meer. Geïnteresseerd? Vraag meer informatie of een demonstratie aan >>>
Lees meer over:

Over Auteur

Mr. Ingrid Kooijman is auteur bij XpertHR. Voor XpertHR Actueel houdt ze de jurisprudentie scherp in de gaten. Ze schrijft over arbeidsrecht, HRM en projectmanagement.