Pensioenschade bij ontslag

2

Een ontslag via het UWV zonder een vergoeding is niet zomaar kennelijk onredelijk. Maar de werkneemster die kort voor haar pensioen werd ontslagen, heeft recht op vergoeding van de pensioenschade, oordeelde de rechter.

De situatie
Een beëdigd deurwaarder wordt op haar 63e ontslagen met een ontslagvergunning van het UWV wegens bedrijfseconomische omstandigheden. Het bedrijf was zijn grootste opdrachtgever kwijtgeraakt en vraagt, met succes, een ontslagvergunning voor de werkneemster aan.

De vordering
De werkneemster vindt dat het ontslag, om meerdere redenen, kennelijk onredelijk is gegeven. Zo zou de ontslagaanvraag onder valse voorwendselen zijn gedaan, de werkgever zou het afspiegelingsbeginsel niet hebben toegepast en ze vindt dat de gevolgen van het ontslag voor haar te ernstig zijn in verhouding tot het belang van de werkgever (art. 7:681 BW). Door ontslag tweeënhalf jaar voor haar pensioen loopt ze aanzienlijke pensioenschade op. Ze vordert vergoeding van haar pensioenschade.

Het oordeel
De rechter kent de vergoeding toe. Het ontslag is kennelijk onredelijk voor zover er geen voorziening is getroffen voor de pensioenschade.
De rechter bekijkt alle omstandigheden ten tijde van het ontslag. Dat de werkneemster kort na haar ontslag toch een baan heeft gevonden, speelt geen rol.
Het afspiegelingsbeginsel is volgens de rechter wel gevolgd omdat de werkneemster een unieke functie in het bedrijf heeft: ze is de enige beëdigd deurwaarder. Verder heeft het bedrijf de noodzaak van een ontslag voldoende aangetoond en ziet de rechter geen valse voorwendselen.
Maar ontslag zonder een vergoeding voor de pensioenschade vindt de rechter wel kennelijk onredelijk. 

De rechter bekijkt als eerste of het bedrijf überhaupt financiële ruimte had voor een vergoeding op het moment van het ontslag. Uit de jaarcijfers blijkt dat die ruimte er was. De werkgever heeft niet voldoende onderbouwd dat dat geld geoormerkt was.
Dan bekijkt de rechter of de persoonlijke omstandigheden van de werkneemster reden zijn voor een vergoeding. De rechter concludeert dat dat zo is: ze zat tweeënhalf jaar voor haar pensioenleeftijd en een ontslag leverde daardoor een forse schade op. Gezien haar leeftijd was haar arbeidsmarktpositie slecht te noemen. De rechter wijst de schadevergoeding toe.

JAR 2012/27
Kantonrechter Utrecht
Pensioenschade, kennelijk onredelijk ontslag
Eerste aanleg
28 september 2011

Door mr. Ingrid Kooijman »

Lees meer over:

Over Auteur

De redactie van XpertHR Actueel zorgt er gezamenlijk voor dat u op de hoogte blijft van het laatste P&O-nieuws, de ontwikkelingen in het vakgebied en relevante jurisprudentie.

2 reacties

  1. Wel interessant om dan te weten hoeveel ze kreeg? Meer dan de kantonrechtersformule bijvoorbeeld? Is er een LJN nummer?

  2. Ingrid Kooijman op

    Beste Jan,
    De werkneemster heeft de pensioenschade door haar pensioenverzekeraar laten begroten. Die kwam uit op ? 52.423,14. Dat bedrag is ook toegewezen omdat het niet door de werkgever is betwist. LJN BU7613