Ontslag op staande voet na 11 dagen onverwijld

0

Is een ontslag op staande voet elf dagen na het voorval onverwijld? De kantonrechter vond van wel omdat het ontslag kort nadat de bevoegde persoon werd ingeschakeld, was gegeven.

 

De situatie

Een verloskundige doet op 8 oktober 2008 een controle bij een zwangere met een ziekte die een verhoogd risico geeft op complicaties. Het kindje komt een dag later levenloos ter wereld. Op 13 oktober wijzigt de verloskundige de status van de patiënte. Drie dagen later, op 16 oktober, wordt de wijziging ontdekt. De verloskundige wordt op 24 oktober op staande voet ontslagen wegens het achteraf doen van een mutatie in een patiëntendossier. Tot die tijd heeft ze gewoon gewerkt.

De werkgever dient na het ontslag op staande voet een voorwaardelijk verzoek tot ontbinding in bij de kantonrechter. Dit verzoek wordt toegekend en de arbeidsovereenkomst is, voorzover die nog bestond, per 6 februari 2009 ontbonden.

De vordering

De werkneemster beroept zich op nietigheid van het ontslag en vordert loonbetaling over de periode van 24 oktober 2008 tot 6 februari 2009.

Het oordeel

Het ontslag is volgens de kantonrechter wel onverwijld gegeven. Bij de beoordeling van de onverwijldheid telt volgens de jurisprudentie het tijdstip waarop de tot het ontslag bevoegde persoon op de hoogte is gekomen van de ontslagreden. De direct leidinggevende die op 16 oktober de wijziging ontdekte, was niet bevoegd om de werkneemster te ontslaan. De Raad van Bestuur was dat wel, en het ontslag is gegeven kort nadat die Raad werd ingeschakeld.

Voor wat betreft de dringendheid oordeelt de kantonrechter dat het heimelijke gedrag van de werkneemster niet door de beugel kan, maar dat het geen reden is voor ontslag op staande voet. De werkneemster is hangende het onderzoek niet geschorst en heeft tot en met 24 oktober gewoon gewerkt. Blijkbaar was de gedraging niet zo ernstig dat er meteen actie nodig was. Verder zijn er ook verzachtende omstandigheden: de verloskundige, die nog maar beperkte werkervaring had, heeft waarschijnlijk in een opwelling ondoordacht gehandeld.

De kantonrechter wijst de vordering tot loondoorbetaling voor drie maanden toe (van 24 oktober 2008 tot 24 januari 2009).

Geen gelijktijdige mededeling

De werkgever heeft de werkneemster drie weken na het ontslag nog schriftelijk een toelichting gegeven op het opslag. In die brief is nog een ontslagreden toegevoegd: de verloskundige is tijdens het consult tekort geschoten. Die ontslagreden hoeft de rechter niet beoordelen omdat die niet gelijktijdig met de andere ontslagreden is medegedeeld.

 

LJN BL8854

Kantonrechter Middelburg

Ontslag op staande voet

Eerste aanleg

23 november 2009

Mr.Ingrid Kooijman

Share on FacebookTweet about this on TwitterShare on LinkedInEmail this to someone
Lees meer over:

Over Auteur

Redactie XpertHR Actueel

De redactie van XpertHR Actueel zorgt er gezamenlijk voor dat jij op de hoogte blijft van het laatste P&O-nieuws, de ontwikkelingen in het vakgebied en relevante jurisprudentie.

Reageer