JurisprudentieOntslag op staande voet en toch recht op transitievergoeding?

0

Een afwasser wordt op staande voet ontslagen en stapt naar de rechter om het ontslag te laten vernietigen. De rechter laat het ontslag in stand maar kent wel een transitievergoeding toe.

Wat eraan voorafging

Een afwasser die sinds 2007 in dienst is bij zijn werkgever, meldt zich in maart 2018 ziek. De bedrijfsarts vindt dat de afwasser vanaf 6 juni in staat is om te re-integreren. Maar in een gesprek met de werkgever geeft de werknemer aan dat hij niet kan werken. De werkgever wijst hem op zijn re-integratieverplichtingen. Uiteindelijk zegt de afwasser toe dat hij op 14 juni start met zijn re-integratiewerkzaamheden. Maar hij belt af. In een brief schrijft de werkgever dat als de werknemer weigert mee te werken, de werkgever het loon mag stopzetten. De afwasser krijgt na deze waarschuwing nog een kans maar komt wederom niet opdagen. Hij consulteert wel een andere bedrijfsarts maar ook die oordeelt dat hij in staat is om te re-integreren. Nadat de werknemer opnieuw niet komt opdagen na een oproep, zet de werkgever het loon stop. De werkgever informeert de werknemer over de mogelijkheid van het aanvragen van een deskundigenoordeel.

In september is de afwasser nog steeds niet gestart met zijn re-integratiewerkzaamheden. Hij wordt door de werkgever nogmaals gewezen op zijn re-integratieverplichtingen waarbij de werkgever de mogelijkheid van ontslag als sanctie aankondigt. De werkgever laat deze brief door de deurwaarder bezorgen. Als ook hierop geen reactie komt, ontslaat de werkgever de werknemer op staande voet per 18 september. De werknemer is het niet eens met het ontslag en stapt naar de rechter om vernietiging van het ontslag te vragen en om loondoorbetaling. Subsidiair vraagt hij om toekenning van een transitievergoeding.

Bij de rechter

De rechter laat het ontslag in stand. Het is onverwijld gegeven en er was een dringende reden: de werknemer heeft bleef ondanks gesprekken met de werkgever, schriftelijke waarschuwingen en een loonsanctie toch weigeren om zijn re-integratiewerkzaamheden uit te voeren. Dat hij niet kon werken heeft de werknemer op geen enkele manier onderbouwd.
De rechter kent hem wel een gedeeltelijke transitievergoeding toe. In beginsel heeft de afwasser daar geen recht op omdat hij ernstig verwijtbaar heeft gehandeld. Maar de kantonrechter vindt het naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid niet aanvaardbaar dat hij helemaal geen transitievergoeding ontvangt. De werknemer heeft naar zeggen van de werkgever 11 jaar lang goed heeft gefunctioneerd. Ook de persoonlijke omstandigheden laat de rechter meewegen. De kantonrechter kent de afwasser de helft van de wettelijke transitievergoeding toe, een bedrag van € 5.405,50 bruto.

In de praktijk

Het niet nakomen van re-integratieverplichtingen kan ernstig verwijtbaar handelen van de werknemer zijn. Daarmee is het een dringende reden voor ontslag. Maar daarvoor moet de werkgever wel een ijzersterk dossier hebben. Het hele traject moet zorgvuldig zijn vastgelegd en de werkgever moet alle juiste stappen -aantoonbaar -hebben genomen.

Meer lezen over deze jurisprudentie? Lees de samenvatting in XpertHR.

Uitspraak: ECLI:NL:RBAMS:2019:1468, 27 februari 2019

  • Dit artikel komt tot stand in samenwerking met XpertHR de HR Antwoordbank. XpertHR biedt arbeidsrechtelijke informatie, juridisch advies, praktische tools, praktijkcases, checklists en meer. Geïnteresseerd? Meer informatie of een online demonstratie >>>
Lees meer over:

Over Auteur

mr. Ingrid Kooijman

Mr. Ingrid Kooijman is auteur bij XpertHR. Voor XpertHR Actueel houdt ze de jurisprudentie scherp in de gaten. Ze schrijft over arbeidsrecht, HRM en projectmanagement.

Reageer