Nieuwe ontslagrecht niet beter voor werkgevers

0

Het nieuwe ontslagrecht is aangekondigd als een versoepeling, maar waarschijnlijk pakt het niet zo uit. Op verschillende gebieden wordt juist tegemoet gekomen aan de belangen van werknemers. Dat zegt arbeidsrechtadvocaat Maarten van Gelderen.

Volgens Van Gelderen ligt het voor de hand dat rechters werkgevers kritischer tegemoet treden als de nieuwe wet ingaat. Die kritische houding heeft te maken met twee ontwikkelingen.

Ontslagverzoek rechter
De eerste is het keurslijf waarin rechters gedwongen worden. ‘Als je nu als werkgever een ontslagverzoek indient, wordt het arbeidscontract vrijwel altijd ontbonden. Het gaat alleen nog om de hoogte van het bedrag: heb je een goed dossier opgebouwd, dan is dat laag, en heb je als werkgever verzaakt dan is het wat hoger. Straks staat er in de wet heel specifiek omschreven aan welke voorwaarden voldaan moet zijn om ontslag toe te kennen. Ik verwacht dat rechters in de toekomst veel vaker ontslag zullen weigeren omdat niet aan de regels is voldaan. De beleidsvrijheid die rechters nu nog hebben, wordt flink ingeperkt.’
Een andere reden waarom rechters kritischer zullen worden, is hun eigen rechtvaardigheidsgevoel. ‘Nu zien rechters nog wel eens een slecht onderbouwd dossier van een werkgever voorbij komen, maar een flinke som geld op tafel liggen. Die twee wegen dan nog wel tegen elkaar op; een werknemer komt er niet slecht vanaf. Omdat in de nieuwe wet ook de ontslagvergoeding omlaag gaat, is die balans een beetje weg. Ik verwacht dat rechters bij een slecht dossier en laag bedrag nog wel eens dubbel nadenken of ze een ontslagverzoek toewijzen. Omdat het indruist tegen hun rechtvaardigheidsgevoel.’

Nieuwe contractvormen flexwerkers
Daarnaast verwacht Van Gelderen dat er nieuwe contractvormen voor flexwerkers ontstaan. ‘Het kabinet heeft namelijk besloten dat je bij contracten tot en met 6 maanden geen proeftijd meer mag hanteren en dat er voor contracten van zes maanden en langer een aanzegtermijn geldt. Volgens mij krijg je dan tussenvormen: contracten van zes maanden plus één dag van werkgevers die wel een proeftijd willen. En contracten van zes maanden min één dag voor werkgevers die die proeftijd niet zo belangrijk vinden, maar geen aanzegtermijn willen.’
Het doel van de overheid was een positieversterking van flexwerkers. ‘Ook het besluit om maximaal twee tijdelijke contracten in plaats van drie krijgen, hoort in die gedachte. De overheid hoopt dat werkgevers dan na twee jaar iemand in dienst nemen. Maar ik hoor praktisch alleen maar werkgevers die zichzelf voornemen om dan na twee jaar de arbeidsrelatie te beëindigen en op zoek te gaan naar een nieuwe flexwerker.’

Bedenktijd
In het nieuwe ontslagrecht is ook voorzien in een bedenktijd. Wanneer je een onderhandeling hebt gevoerd met een werknemer, dan kan die daar binnen twee weken zonder opgaaf van reden op terug komen. ‘Dat klinkt weliswaar sympathiek, maar ik verwacht een hele hoop discussie. Het was de bedoeling om ontslag makkelijker en sneller te maken, dit leidt in sommige zaken tot veel langere trajecten.’

Duidelijkheid ontslagroute
Toch zitten er ook mooie kanten aan het nieuwe ontslagrecht. ‘Het wordt eerlijker omdat er duidelijke routes komen. Het valt niemand uit te leggen dat twee werknemers met exact dezelfde zaak een ander bedrag meekrijgen, alleen maar omdat hun werkgever een andere ontslagroute kiest. Gelukkig wordt dat straks anders.’
En een ander mooi punt is de mogelijkheid tot hoger beroep. ‘Wederom is dat niet sneller en makkelijker, maar wél eerlijker. In een rechtsstaat hoort het gewoon zo te zijn dat je in hoger beroep kunt gaan wanneer je vindt dat een rechter een verkeerde beslissing genomen heeft. Dat kan in álle zaken, behalve momenteel in het arbeidsrecht. Dat is gek.’

Basti Baroncini

Lees ook:
Niet iedereen overtuigd van wetsvoorstel Werk en Zekerheid
‘Ontslagstelsel wordt complexer en stroperiger’

 

Lees meer over:

Over Auteur

De redactie van XpertHR Actueel zorgt er gezamenlijk voor dat u op de hoogte blijft van het laatste P&O-nieuws, de ontwikkelingen in het vakgebied en relevante jurisprudentie.