Hoge Raad: geen nieuwe sluiproute ketenregeling

0

Werkgevers, en ook werknemers, zoeken steeds weer naar wegen om de ketenregeling te omzeilen. De route die in 2011 door een werkgever werd gekozen en door het hof Den Bosch in 2013 werd goedgekeurd, behelsde een vierde contract, voor onbepaalde tijd, dat meteen via een vaststellingsovereenkomst na een jaar weer werd beëindigd. Die route is afgelopen vrijdag door de Hoge Raad afgesloten.

De situatie
Een werkgever bood zijn werknemer begin 2011 na drie tijdelijke contracten een vierde arbeidsovereenkomst aan. Voor onbepaalde tijd, want dat kon niet anders in verband met de ketenregeling. In die overeenkomst werd verwezen naar een bijgevoegde vaststellingsovereenkomst. Daarin stond dat de arbeidsovereenkomst een klein jaar later, per 1 januari 2012, met wederzijds goedvinden zou eindigen. De werknemer gaat akkoord met deze constructie omdat hij weet dat de werkgever hem anders helemaal geen contract zal aanbieden. Vlak voor het vastgestelde einde van de overeenkomst beroept de werknemer zich bij de rechter op nietigheid van de vaststellingsovereenkomst.

Bij de kantonrechter
De kantonrechter oordeelt dat de partijen in een vaststellingsovereenkomst niet kunnen afwijken van de ketenregeling. En dat was het enige doel van die overeenkomst. De rechter oordeelt dat de arbeidsrelatie tussen de twee partijen na 1 januari 2012 nog steeds voortduurt en veroordeelt de werkgever tot loondoorbetaling zolang de arbeidsovereenkomst niet rechtsgeldig is geëindigd. De werkgever gaat in hoger beroep tegen deze uitspraak.

Bij het hof
Bij het hof krijgt de werkgever gelijk. Het hof oordeelt dat de gesloten overeenkomst een geldige vaststellingsovereenkomst is (art. 7:900 BW) en dat die ook geldig kan zijn als die in strijd is met de wet, de openbare orde of de goede zeden.

Het hof vernietigt de uitspraak van de kantonrechter en bepaalt dat de arbeidsovereenkomst gewoon per 1 januari 2012 is geëindigd. Daarmee leek een nieuwe route open te liggen om de ketenregeling te omzeilen.

Het oordeel van de Hoge Raad
Maar de Hoge Raad zette een streep door die sluiproute. Volgens de Hoge Raad biedt het wetsartikel over de vaststellingsovereenkomst alleen maar ruimte aan een vaststellingsovereenkomst die in strijd met de wet is als die is opgesteld om een bestaand geschil te beëindigen. Als dat zou kunnen voor een geschil dat nog niet bestaat, zou je met zo’n vaststellingsovereenkomst altijd de wet vooraf al buiten werking kunnen stellen. In dit specifieke geval zou je dan dus altijd op voorhand de ketenregeling kunnen omzeilen. En dat is ontoelaatbaar, vindt de Hoge Raad. Deze beslissing past ook bij de ontwikkeling dat de bescherming van flexwerkers juist wordt aangescherpt met nieuwe wetgeving.

De Hoge Raad heeft de uitspraak van het hof Den Bosch vernietigd. Het hof Arnhem-Leeuwarden mag zich nu over de zaak buigen en een beslissing nemen.

Gegevens rechtszaak:

ECLI:NL:HR :2015:39 Datum uitspraak: 9 januari 2015

Deze zaak kwam al eerder aan bod op onze website: Hoge Raad verwerpt ‘tijdelijk vast contract’ en Sluiproute naar vierde arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd?

Lees meer over:

Over Auteur

mr. Ingrid Kooijman

Mr. Ingrid Kooijman is auteur bij XpertHR. Voor XpertHR Actueel houdt ze de jurisprudentie scherp in de gaten. Ze schrijft over arbeidsrecht, HRM en projectmanagement.

Reageer