Dit zijn de antwoorden op de HR Arbeidsrecht Challenge

0

Heb jij afgelopen tijd meegedaan aan de HR Arbeidsrechtchallenge? De goede antwoorden zijn nu op XpertHR Actueel te vinden. De winnaar van de HR Arbeidsrechtchallenge wordt binnenkort bekend gemaakt.

Casus 1: recht op een transitievergoeding?

De eerste casus ging over Rob die zich agressief gedraagt tijdens het werk. Kun je deze medewerker ontslaan en heeft hij recht op een transitievergoeding?

Antwoord in tekst:
Volgens de rechter mag Rob vanwege zijn gedrag wel ontslagen worden, maar heeft hij ook recht op een transitievergoeding. De rechter oordeelt dat Rob de situatie onnodig heeft laten escaleren en zichzelf daarbij verloren heeft door met een ijzeren staaf te slaan. Daarmee heeft Rob volgens de rechter verwijtbaar, maar niet ernstig verwijtbaar gehandeld.

De rechter van het Gerechtshof in Den Haag deed deze uitspraak op 24 augustus 2016. De volledige uitspraak lees je hier.

Casus 2: rechten van medewerker met oproepcontract

De tweede casus ging over Linda. Zij werkte 1,5 jaar als taxichauffeur op basis van een oproepcontract.

Antwoord in tekst:
De bewering van Linda dat zij recht heeft op loon gedurende de tijd dat zij op een oproep wacht, is niet juist. De kern van een oproepcontract is dat er pas recht is op loon als je de oproepkracht is opgeroepen. Wel moest de werkgever Linda per oproep minimaal drie uur loon uitbetalen omdat in de oproepovereenkomst geen afspraken waren gemaakt over het aantal uren dat Linda per week zou werken. Linda heeft volgens de rechter alsnog recht op een nabetaling ter grootte van €8.000.

De rechter van het Gerechtshof in Den Bosch deed deze uitspraak 24 januari 2017. De volledige uitspraak lees je hier.

Casus 3: achterstallig loon claimen

Michiel is opperman bij een bouwbedrijf. Na onenigheid volgt ontslag met wederzijds goedvinden en een vaststellingsovereenkomst. Kan Michiel nog achterstallig loon claimen bij zijn ex-werkgever

Antwoord in tekst:
Ja dat kan. De rechter geeft aan dat over de hoogte van het loon ten tijde van het sluiten van de vaststellingsovereenkomst helemaal geen onenigheid bestond. Het foutieve uurloon van Michiel staat bovendien in de inleiding van de vaststellingsovereenkomst en is geen onderdeel van de afspraken. Volgens de rechter is het duidelijk dat beide partijen met het finaal kwijtingsbeding niet hebben bedoeld om ook afstand te doen van een eventueel recht van Michiel op een hoger uurloon.

De rechter van het Gerechtshof in Den Bosch deed deze uitspraak op 13 november 2012. De volledige uitspraak lees je hier. 

Lees meer over:

Over Auteur

Marloes Oelen

Marloes Oelen is contentcoördinator van XpertHR. Met haar journalistieke blik zorgt zij ervoor dat jij helemaal niks mist.

Reageer