Bij ontbinding bij 65-plusser geen kantonrechtersformule

0

De functie van een 67-jarige werknemer komt te vervallen. Kantonrechter
vindt dat de kantonrechtersformule zich niet leent voor arbeidsovereenkomsten
van 65-plussers.

Werkneemster is sinds 1 april 1994 in dienst van Den en Rust, een onderneming in de uitvaartbranche, laatstelijk in de functie van aulamedewerkster. Ook legt zij rouwbezoeken af. De cao voor crematoria is van toepassing. Werkneemster is geboren op 14 juli 1940 en ten tijde van de procedure 67 jaar oud.

De overeenkomst is op grond van de cao van rechtswege geëindigd op 31 juli 2005 wegens het bereiken van de 65-jarige leeftijd van werkneemster. Partijen zijn per 1 augustus 2005 mondeling een nieuwe overeenkomst aangegaan. Afgesproken is dat werkneemster kon blijven werken zolang er werk voor haar zou zijn.

Werkgever verzoekt om ontbinding omdat wegens stroomlijning van de organisatie de functie van werkneemster is komen te vervallen. Door de (lichamelijke) beperkingen is voor werkneemster geen andere passende functie bij werkgever beschikbaar. De passende functie van gastvrouw bij een zusteronderneming van werkgever heeft werkneemster afgewezen wegens de beperkte omvang van 16 uur per maand. Partijen zijn hierover een mediationtraject ingegaan dat niet tot een oplossing heeft geleid.

Uitspraak

De kantonrechter oordeelt dat de tijdens de procedure aangeboden functie bij de zusteronderneming van 16 uur per week wel passend is. Wegens een verstoring van de verhoudingen gaat de kantonrechter over tot ontbinding van de overeenkomst. De kantonrechter ziet geen aanleiding de dienstjaren vóór medio 2005 mee te laten wegen in de vergoeding nu de vorige arbeidsovereenkomst van rechtswege is geëindigd.

De kantonrechtersformule leent zich niet voor arbeidsovereenkomsten aangegaan na het bereiken van de 65-jarige leeftijd, aldus de kantonrechter. Op grond van de billijkheid kent de kantonrechter een vergoeding toe van € 7.000,00 bruto onder meer omdat het aanbod voor de alternatieve functie niet direct, schriftelijk en ondubbelzinnig is gedaan, er verwarring ontstond over de omvang van de alternatieve functie en werkneemster vanaf november 2007 geen werk meer voor werkgever heeft verricht maar wel loon heeft ontvangen.

Bron: JAR 2008/158

Share on FacebookTweet about this on TwitterShare on LinkedInEmail this to someone
Lees meer over:

Over Auteur

Redactie XpertHR Actueel

De redactie van XpertHR Actueel zorgt er gezamenlijk voor dat jij op de hoogte blijft van het laatste P&O-nieuws, de ontwikkelingen in het vakgebied en relevante jurisprudentie.

Reageer