Bank moet 1,2 miljoen ontslagvergoeding toch betalen

1

Het gerechtshof kent een bankmedewerker een ontbindingsvergoeding toe die ruim vijfmaal hoger is dan die de kantonrechter vaststelde.

De ‘huidige tijd’ mag geen invloed hebben op de nakoming van destijds contractueel gemaakte afspraken over de ‘gouden handdruk’.

De situatie

Een werknemer komt in 2007 indienst van Fortis als Chief Risk Officer. De werknemer heeft een goede onderhandelingspositie omdat hij ook door een concurrent benaderd is voor een soortgelijke functie. Dat resulteert in een riante afvloeiingsregeling in zijn arbeidsovereenkomst, voor het geval de werkgever de arbeidsovereenkomst wil beëindigen.
In oktober 2008 doet de werkgever een beëindigingsvoorstel dat niet in de buurt komt van de afgesproken afvloeiingsregeling. Als dat tot niets leidt, dient de werkgever een ontbindingsverzoek in. De kantonrechter ontbindt de overeenkomst en kent de werknemer een vergoeding toe van € 250.000. De contractuele ontslagvergoeding van € 1.250.000 vindt de kantonrechter, afgezet tegen de kantonrechtersformule, excessief, zo niet ridicuul. Naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid is een ontslagvergoeding van meer dan 2 jaarsalarissen na 14 maanden diensttijd onaanvaardbaar.

De vordering

De werknemer gaat in hoger beroep tegen dit oordeel van de kantonrechter. Hij vordert toch de  € 1.250.000. Met rentes en wettelijke verhogingen komt dat neer op zo’n 1,5 miljoen euro.

Het oordeel

Het hof wijst de hoge ontslagvergoeding die de kantonrechter excessief noemde, wel toe. De kredietcrisis, de maatschappelijke kritiek en het ingrijpen van de staat, maken niet dat de werknemer geen recht heeft op wat in de arbeidsovereenkomst is geregeld: contract is contract. De werkgever heeft ook niet aangegeven dat hij zijn verplichtingen jegens de werknemer niet kan nakomen. De omstandigheden van het ontslag, de kredietcrisis en de reorganisatie, zijn voor risico van de werkgever.

Maatschappelijke afkeuring

Het hof vermoedt dat het de bank tegenstaat om in de golf van maatschappelijke afkeuring de werknemer met een zo’n grote gouden handdruk naar huis te sturen. Maar het is onredelijk om op contractueel gemaakte afspraken terug te komen. De werkgever voert nog aan  dat de werknemer  vier maanden voor zijn aanstelling bij Fortis ook al een ontslagvergoeding van 1,3 miljoen van zijn vorige werkgever had ontvangen. Het hof passeert dat argument.
Het hof herinnert de partijen aan de code-Tabaksblat, die een ontslagvergoeding van maximaal twee maal het vaste jaarsalaris mogelijk maakt.
De uitkomst is dat de vorderingen van de werknemer worden toegewezen voor het bedrag van
€ 1.250.000, als aanvulling op de al uitgekeerde € 250.000, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 1 februari 2009.

LJN BQ7192
Gerechtshof ‘s-Gravenhage
Ontslagvergoeding
Hoger beroep
3 mei 2011

Door mr. Ingrid Kooijman

Lees meer over:

Over Auteur

De redactie van XpertHR Actueel zorgt er gezamenlijk voor dat u op de hoogte blijft van het laatste P&O-nieuws, de ontwikkelingen in het vakgebied en relevante jurisprudentie.

1 reactie

  1. helicopter op

    Klinkt als een science fiction verhaal. Een vooropgezet plan waaraan meerdere partijen gaan verdienen incl. arbeidsrechtspecialisten? Wie zal het zeggen. Ik heb bij ruime afvloeiingsreglingen altijd het gevoel dat er meerdere partijen aan zullen verdienen. Kan het niet bewijzen maar dit stinkt behoorlijk dunkt me.