Wet op ondernemingsraden (WOR)

0

Medezeggenschap gaat feitelijk over elke wijze van betrokkenheid van medewerkers bij het reilen en zeilen van de onderneming. De meeste mensen denken bij medezeggenschap aan de ondernemingsraad, maar er zijn meer vormen.

Medezeggenschap in ondernemingen laat zich naar vorm indelen in:

  • directe medezeggenschap
  • indirecte medezeggenschap
  • externe medezeggenschap

Directe medezeggenschap

Van directe medezeggenschap is sprake zodra werknemers zonder tussenkomt van al dan niet gekozen vertegenwoordigers inspraak hebben op het werk, de arbeidsomstandigheden of het beleid van de onderneming.

De meest voorkomende vorm is ongetwijfeld het contact tussen de individuele medewerker en zijn leidinggevende. Daarnaast is het werkoverleg een moment waarop werknemer en werkgever kunnen overleggen. Tot slot zijn er organisatievormen waarvan de directe medezeggenschap een uitdrukkelijk deel uitmaakt: resultaatverantwoordelijke teams, business units, empowerment en andere.

De enige vorm van directe medezeggenschap die door de wet verplicht wordt gesteld is de personeelsvergadering die in ondernemingen met in de regel 10 of meer medewerkers ten minste tweemaal per jaar moet plaatsvinden. Als er een ondernemingsraad of personeelsvertegenwoordiging is in gesteld, vervalt deze verplichting.

Indirecte medezeggenschap

Het betreft hier vormen van medezeggenschap waarbij de medewerkers worden vertegenwoordigd door een aantal uit hun midden gekozen collega’s. Als die keuze door de werkgever plaatsvindt, spreken we in de regel over commissies, project- of werkgroepen. Hiervan wordt vooral op tijdelijke basis gebruikgemaakt. Bijvoorbeeld in het geval van een beoogde cultuuromslag, een reorganisatie of een andere ingrijpende verandering.

Als de werknemers zelf hun vertegenwoordiging kiezen, is er meestal een medezeggenschapsorgaan in de zin van de Wet op de ondernemingsraden:

  • personeelsvertegenwoordiging;
  • ondernemingsraad;
  • groeps- en/of centrale ondernemingsraad;
  • Europese ondernemingsraad.

Externe medezeggenschap

De belangrijkste medezeggenschap van buiten de onderneming vindt plaats door middel van de werknemersorganisaties oftewel de vakbonden, vooral via collectieve regelingen.

Daarnaast bestaat er soms nog gedecentraliseerde medezeggenschap van vakbonden op het ondernemingsniveau in de vorm van een bedrijfsledengroep (BLG) of, bij de overheid, het Georganiseerd Overleg (GO). Dit zijn beide organen die vanuit de werknemersorganisatie zijn samengesteld, geheel of gedeeltelijk uit werknemers van de betreffende onderneming.

Verplichte medezeggenschap

De meeste ondernemingen worden door de wetgever verplicht tot een vorm van indirect medezeggenschap. De vorm wordt bepaald door de omvang van de onderneming in samenhang met de Wet op de ondernemingsraden (WOR).

In de WOR staat het volgende over verplichte medezeggenschap:

  • Minder dan 10 medewerkers: een personeelsvertegenwoordiging als de ondernemer dat wenst;
  • 10-50 medewerkers: een personeelsvertegenwoordiging als de ondernemer of de meerderheid van het personeel dat wenst, eventueel een ondernemingsraad, in alle gevallen een personeelsvergadering;
  • Meer dan 50: een ondernemingsraad;
  • Meerdere ondernemingen van dezelfde ondernemer of in een groep verbonden ondernemers: een groeps- en/of centrale ondernemingsraad;
  • Voor ondernemingen met vestigingen in meerdere Europese landen: in sommige gevallen een Europese ondernemingsraad (niet op basis van de WOR).

In de Wet op de Ondernemingsraden zijn diverse medezeggenschapsrechten opgenomen. Deze rechten zijn niet in alle gevallen en op iedere vorm van medezeggenschap van toepassing: de ondernemingsraad (OR) beschikt over het meest volledige pakket, terwijl de personeelsvertegenwoordiging (PVT) en de personeelsvergadering (PV) het moeten stellen met slechts een deel ervan. In het onderstaande overzicht worden de medezeggenschapsrechten op een rijtje gezet.

Instemmingsrecht

  • Wat? Voor sommige zaken of beslissingen is de werkgever verplicht het medezeggenschapsorgaan in de onderneming eerst om instemming te vragen. Dit betekent in de praktijk dat zaken die de werkgever zonder instemming beslist, via de kantonrechter kunnen worden teruggedraaid.
  • Waarover? Zie artikel 27 van de WOR .
  • Orgaan? Voorbehouden aan de Ondernemingsraad en – in een beperkt aantal gevallen de Personeelsvertegenwoordiging. De Personeelsvergadering beschikt niet over instemmingsrecht.

Adviesrecht

  • Wat? Wanneer de werkgever belangrijke beslissingen wil nemen, heeft het medezeggenschapsorgaan vaak het recht om mee te praten en advies te geven.
  • Waarover? Het adviesrecht geldt voor alle besluiten die grote gevolgen hebben voor het werk of de werkomstandigheden van de werknemers. Zie artikel 25 van de WOR.
  • Orgaan? Voor alle medezeggenschapsorganen , maar in meer gevallen voor de OR dan de PVT of PV. 

Informatierecht

  • Wat? De werkgever moet het medezeggenschapsorgaan alle gegevens verschaffen – soms gevraagd, soms ongevraagd – die het nodig heeft om zijn taak naar behoren uit te oefenen.
  • Waarover? Zie artikel 31 van de WOR.
  • Orgaan? Voor alle medezeggenschapsorganen, maar in meer gevallen voor de OR dan de PVT of PV.

Initiatiefrecht

  • Wat? Het medezeggenschapsorgaan mag ook zelf met een voorstel op de proppen komen. De werkgever is echter niet verplicht om het voorstel over te nemen.
  • Waarover? Alle mogelijke onderwerpen.
  • Orgaan? Voor alle medezeggenschapsorganen.
Share on FacebookTweet about this on TwitterShare on LinkedInEmail this to someone
Lees meer over:

Over Auteur

Redactie XpertHR Actueel

De redactie van XpertHR Actueel zorgt er gezamenlijk voor dat jij op de hoogte blijft van het laatste P&O-nieuws, de ontwikkelingen in het vakgebied en relevante jurisprudentie.

Reageer