Recht op afbouwregeling toeslag na roosterwijziging

0

Het inkomen van een werknemer daalt met 12% doordat zijn onregelmatigheidstoeslag wegvalt als gevolg van een roosterwijziging. Hij verzoekt zijn werkgever tevergeefs om een afbouwregeling. De kantonrechter oordeelt dat de werknemer, op grond van redelijkheid en billijkheid, wel recht heeft op een afbouwregeling.

De situatie

Een werknemer die in volcontinuedienst werkt, krijgt een toeslag voor het werken op ongebruikelijke tijdstippen (Tot).  Als het werkrooster wordt gewijzigd, komt hij niet meer in aanmerking voor de Tot-toeslag en daalt zijn inkomen met 12%, oftewel ongeveer € 425 bruto per maand. De werknemer vraagt de werkgever meerdere malen om voor hem een afbouwregeling te treffen.
De ondernemingsraad heeft met de verandering van werktijden ingestemd, onder voorwaarde dat als het nodig is, er voor individuele werknemers maatwerk wordt toegepast. Omdat het draagvlak voor de werktijdenwijziging niet zo groot is, heeft de or de werkgever ook geadviseerd met de medewerkers in gesprek te gaan.

De vordering

De werknemer vraagt aan de rechter om de werkgever onder meer te veroordelen om hem een afbouwregeling toe te kennen. Hij doet daarbij beroep op de Mobiliteit CAO en op de eisen van goed werkgeverschap. De Mobiliteit CAO regelt dat als door een reorganisatie de Tot-toeslag van een werknemer wegvalt, hij recht heeft op een garantietoeslag van minimaal 3% van zijn maandinkomen. De werknemer moet de Tot-toeslag dan wel 2 jaar aaneengesloten hebben ontvangen.

Het verweer

De werkgever stelt dat de Mobiliteit CAO in deze situatie niet geldt omdat het niet om een reorganisatie gaat en dat de werknemer er sowieso niet voor in aanmerking zou komen omdat hij de toeslag niet de afgelopen 2 jaar aaneengesloten heeft ontvangen. De werkgever vindt de inkomensachteruitgang ook niet zo ingrijpend dat dat een afbouwregeling rechtvaardigt.

Het oordeel

De rechter oordeelt dat de Mobiliteit CAO inderdaad niet van toepassing is. Het beroep op de cao-regeling wijst de kantonrechter daarmee af. Maar de rechter stelt ook vast dat de werkgever niets heeft gedaan met de voorwaarden die de or had gesteld bij de goedkeuring. De werknemer heeft meerdere malen verzocht om een afbouwregeling voor de toeslag die hij blijkbaar al jaren ontving. De rechter vindt de inkomensachteruitgang wel aanzienlijk en oordeelt dat de werknemer op grond van redelijkheid en billijkheid recht heeft op een afbouwregeling die  gelijkwaardig is aan de regeling uit de Mobiliteit CAO. Als de werknemer kan bewijzen dat hij de toeslag wel twee jaar voorafgaand aan de roosterwijziging onafgebroken heeft ontvangen, dan heeft hij recht op een afbouwregeling. De rechter houdt de zaak aan en geeft de werknemer de gelegenheid om dit te bewijzen.

LJN BM0442
Kantonrechter Hilversum
Afbouw onregelmatigheidstoeslag
Eerste aanleg
13 januari 2010

Door mr. Ingrid Kooijman

Lees meer over:

Over Auteur

De redactie van XpertHR Actueel zorgt er gezamenlijk voor dat u op de hoogte blijft van het laatste P&O-nieuws, de ontwikkelingen in het vakgebied en relevante jurisprudentie.