JurisprudentieRecht op transitievergoeding na weigering van vervolgcontract?

0

Een werkgever biedt een werknemer een vast contract na een serie tijdelijke contracten. De werknemer wijst het aanbod af maar eist wel een transitievergoeding. Het aanbod was volgens hem niet gelijkwaardig aan het laatste contract en daarmee zou hij recht hebben op de transitievergoeding.

Wat eraan voorafging

Een gedetacheerde senior project engineer heeft acht tijdelijke contracten in vierenhalf jaar tijd. Begin 2019 onderhandelt hij met zijn werkgever over de inhoud van een nieuw, vast contract na afloop van zijn lopende contract. Maar hij vindt het aanbod van de werkgever niet goed genoeg en wijst het af. Hij treedt wel in dienst bij een andere werkgever die hem bij dezelfde inlener detacheert. Hij eist van zijn oude nog wel de wettelijke transitievergoeding. De werkgever weigert die te betalen en de werknemer stapt naar de rechter.

Bij de rechter

De werknemer verzoekt om betaling van een transitievergoeding van iets meer dan 10.000 euro. Hij meent dat het hem vrij stond de aangeboden arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd te weigeren zonder dat hij hiermee zijn recht op de transitievergoeding verspeelde. Het aanbod voor dit nieuwe contract was namelijk slechter dan zijn oude contract. De werkgever is van mening dat het aanbod juist beter was dan voorheen: hij zou er netto op vooruitgaan en de arbeidsvoorwaarden in een situatie van ziekte of werkloosheid waren zelfs beter.

Werknemer mag aanbod weigeren
De kantonrechter neemt als uitgangspunt dat een werknemer een voorstel voor het aangaan van nieuwe arbeidsovereenkomst dat niet gelijk of beter is dan zijn huidige arbeidsovereenkomst, mag weigeren zonder hiermee zijn recht op een transitievergoeding te verspelen. En dus moet de rechter hier beoordelen of het aangeboden contract beter of slechter was dan het vorige. Volgens de werknemer was het slechter omdat hij een flinke toeslag zou verliezen op het moment dat hij voor een ander inlener zou gaan werken. Maar de werkgever voert aan dat de werknemer op grond van de cao een loongarantie heeft die dat opvangt.

De rechter concludeert dat de werknemer zowel in de oude als in de nieuwe situatie, in geval van detachering bij een andere opdrachtgever, hetzelfde salaris zou blijven ontvangen. En daarmee was het aanbod voor de nieuwe arbeidsovereenkomst objectief beschouwd gelijkwaardig aan, de oude arbeidsovereenkomst. De overige arbeidsvoorwaarden mee beschouwd was het zelfs een beter aanbod. De kantonrechter concludeert dat de arbeidsovereenkomst daarmee op initiatief van werknemer niet is voortgezet. En die heeft daarmee geen recht op een transitievergoeding.

In de praktijk

Net als vorige week gaat het in deze uitspraak over onderhandelingen over een nieuw contract dat moet aansluiten op een eerder tijdelijk contract. In de uitspraak van vorige week was het doorwerken na afloop van het oude contract, terwijl de onderhandelingen nog liepen, de valkuil voor de werkgever. In deze rechtszaak heeft de valkuil een ander gedaante, namelijk die van de transitievergoeding. Ook hier blijkt weer dat tijdens de onderhandelingen de verschillende arbeidsrechtelijke aspecten goed in de gaten moeten worden gehouden. Want als de werkgever in dit geval een aanbod had gedaan dat net wat slechter was geweest dan het vorige contract, had hij wel een transitievergoeding moeten uitbetalen. 

Uitspraak: ECLI:NL:RBNHO:2019:7978, 15 oktober 2019

  • Dit artikel komt tot stand in samenwerking met XpertHR, de HR Antwoordbank. XpertHR biedt arbeidsrechtelijke informatie, juridisch advies, praktische tools, praktijkcases, checklists en meer. Geïnteresseerd? Meer informatie >>>

 

Lees meer over:

Over Auteur

mr. Ingrid Kooijman

Mr. Ingrid Kooijman is auteur bij XpertHR. Voor XpertHR Actueel houdt ze de jurisprudentie scherp in de gaten. Ze schrijft over arbeidsrecht, HRM en projectmanagement.

Reageer