Wéér een hittegolf. Wat zeggen cao’s over werken in de hitte?

0

Buiten is het bloedheet. Afgaande op de weersverwachtingen blijft dat nog enkele dagen zo. Over welke maatregelen u als HR kunt nemen om uw personeel tegemoet te komen, hebben we al eens eerder geschreven. Zijn er ook maatregelen op cao-niveau afgesproken over werken in de hitte? En is er misschien jurisprudentie over werken onder deze warme omstandigheden?

Cao’s over werken in de hitte

Het ligt voor de hand: in de cao’s van fysiek zware beroepen die vooral buiten (of onder glas) worden uitgeoefend, zijn centrale afspraken gemaakt over werken in dit weer. Zoals in de cao Open Teelten. Die meldt dat de werkgever met zijn medezeggenschapsorgaan kan overeenkomen dat er een tropenrooster wordt ingevoerd. Als er geen dergelijk orgaan is, kan de werkgever ook een tropenrooster invoeren. Voorwaarde is dat hij hierover overeenstemming bereikt met een meerderheid van de betrokken werknemers. Bij het tropenrooster is de toeslag voor overwerk gewoon van toepassing.

De cao Glastuinbouw heeft een dergelijke passage: ‘Met de instemming van de meerderheid van het personeel kan een tropenrooster worden afgesproken.’

De cao Bitumineuze en Kunststof dakdekkingsbedrijven kent de meest expliciete afspraak. Namelijk dat bij een verwachte buitentemperatuur van 25 graden Celsius of hoger de werkgever een tropenrooster kan instellen. De normale arbeidstijd begint dan om 5.30 uur.

Jurisprudentie over werken in de hitte

In de jurisprudentie is er niet zo gek veel te vinden wat te maken heeft met werken in de hitte, volgens Thijs de Jong, advocaat bij RWV Advocaten. ‘Ik vond een wat oudere zaak, waarbij openbaar vervoerder HTM de damesbermuda uit het kledingpakket wilde schrappen. De dames kregen daar een broekrok voor terug, maar de heren bleven achter zonder luchtig kledingstuk voor de warme dagen. De ondernemingsraad vond echter dat de bermuda een belangrijke bijdrage aan het welzijn van het rijdend personeel leverde tijdens de warme zomermaanden. Daarom bracht ze negatief advies uit.’ De Ondernemingskamer wees het verzoek van deze OR overigens af.

Er is nóg een zaak waarbij de warmte een belangrijke rol speelde. ‘Dat is een zaak waarbij twee werknemers van een verpakkingsmaterialenfabriek op staande voet werden ontslagen,’ vertelt De Jong. ‘Reden daarvoor was dat ze hun veiligheidsschoenen hadden uitgetrokken vanwege de warmte. De rechtbank heeft dit ontslag ongedaan gemaakt. Het was boven de 30 graden in de betreffende fabriek, het personeel had al vaker geklaagd over de warmte en sommige werknemers raakten hierdoor zelfs bevangen. Bovendien stond in de veiligheidscontracten van het bedrijf dat een waarschuwing aan een eventueel ontslag op staande voet vooraf moest gaan. Dat was niet gebeurd.’ De rechtbank was het wel met de werkgever eens dat het uittrekken van de veiligheidsschoenen onacceptabel was. Hij vond echter ook dat de werkgever zich aan zijn eigen sanctieregime had moeten houden. Een minder zware maatregel was volgens de rechtbank in deze situatie voldoende geweest.

Lees meer over:

Over Auteur

Paul Poley

Paul Poley is freelance-auteur voor XpertHR Actueel.

Reageer