Ook wettelijk minimumloon voor 60.000 ‘opdrachtnemers’

0

Organisaties die mensen aan het werk hebben met een overeenkomst van opdracht moeten vanaf 1 januari 2018 tenminste het wettelijk minimumloon gaan betalen. Het gaat om de zogenaamde ‘opdrachtnemers’, medewerkers zonder arbeidsovereenkomst die ook niet willen of kunnen voldoen aan de voorwaarden van zzp’ers.

De ministerraad heeft ingestemd met een maatregel hiertoe van minister Asscher van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, zo meldt de website van de Rijksoverheid. Hierdoor krijgen 60.000 extra werkenden ten minste het minimumloon.

De opdrachtnemers hebben geen arbeidsovereenkomst, maar willen of kunnen ook niet voldoen aan de voorwaarden van het zelfstandig ondernemerschap (zzp). Hun onderhandelingspositie is vaak zwak. Om uitbuiting van deze groep te voorkomen besloot het kabinet daarom eerder al dat werk onder een overeenkomst van opdracht (ovo) tenminste het wettelijk minimumloon (wml) moet opleveren.

Discussie

Dit laat echter opnieuw ruimte voor discussie omdat er naast de ovo ook andere overeenkomsten zijn, zoals de aanneem- , uitgeef-, en vervoersovereenkomst. Het kabinet trekt deze nu allemaal gelijk. Hierdoor vallen er zo’n zestigduizend mensen extra onder het wml. In totaal werken jaarlijks 431.000 mensen als opdrachtnemer. Gastouders die in hun eigen huis kinderen opvangen worden uitgezonderd van de regeling.

Wat zijn de minimumlonen?

Het wettelijk minimumloon (WML) voor werknemers van 22 jaar en ouder bij een volledig dienstverband wordt per 1 juli 2017 € 1.565,40 per maand, € 361,25 per week en € 72,25 per dag. Meer weten over het minimumjeugdloon, het lage-inkomensvoordeel en uitzonderingen? Kijk hier >>>

Lees meer over:

Over Auteur

Marloes Oelen

Marloes Oelen is redacteur van XpertHR Actueel. Met haar journalistieke blik zorgt zij ervoor dat jij helemaal niks mist op HR-gebied.

Reageer