Hay Group: ‘Lonen stijgen nauwelijks in 2010’

0

Hoewel economisch herstel zichtbaar is, zijn de Nederlandse salarisstijgingen lager dan vorig jaar. Dit blijkt uit het Compensation Report 2010 van Hay Group. Het onderzoek is gebaseerd op de primaire en secundaire arbeidsvoorwaarden van 262.500 medewerkers uit 330 Nederlandse organisaties.

De stijging van de vaste inkomens is in 2010 beperkt en valt bijna twintig procent lager uit dan in 2009. Hiermee is de reële loonstijging (ten opzichte van de inflatie) gering. De gerealiseerde salarisverhoging in de periode van 1 juli 2009 tot 1 juli 2010 is 2,6 procent, terwijl die in dezelfde periode een jaar eerder nog 3,1 procent was. De inflatie in dezelfde periode bedroeg gemiddeld 1,7 procent.

Lange remweg
De reden waarom de loonstijgingen nu wat dalen, ligt volgens manager reward information services Anne Branger bij het feit dat het in Nederland lastig is om in te grijpen op het vaste inkomen: ‘We hebben in die zin een lange remweg, dat komt onder meer door alle afspraken die we gemaakt hebben met de sociale partners. In 2008 zijn nog CAO’s afgesproken met een lange looptijd en een hoge loonstijging. Daarnaast hebben veel ondernemingen traag gereageerd op de crisis en ook begin 2009 nog afspraken gemaakt over collectieve loonstijgingen van meer dan 2,5 procent.

In de vele jaren dat Hay Group salarisstijgingen meet, behoort dit tot de laagste percentages. Zelfs in jaren dat de collectieve loonstijging beperkt was of nul, was er meestal sprake van individuele loonstijging op grond van leeftijd of senioriteit. De minder grote stijgingen die we momenteel zien, zijn echt de na-ijleffecten van de crisis. Overigens is dit niet heel opvallend, ik had dit wel verwacht.’ Zes procent van de Nederlandse organisaties heeft afgelopen jaar de salarissen bevroren.

Bonussen
Van de medewerkers die in 2009 en 2010 variabel inkomen uitgekeerd kregen, ligt dat gemiddeld op hetzelfde niveau. ‘Het bedrag dat uiteindelijk aan bonussen is uitgekeerd, blijft in 2010 redelijk gelijk. Hetzelfde geldt voor de bonusrealisatie, dat is het percentage van de maximaal haalbare bonus dat in de praktijk is uitgekeerd. Die bonusrealisatie ligt nu op ongeveer 75 procent, terwijl die voor de kredietcrisis tegen de 100 procent aan lag.’

Hiermee wordt duidelijk dat bonussen in de praktijk enigszins ‘mee-ademen’ met de bedrijfsresultaten. ‘Wellicht hebben organisaties de slechte vooruitzichten voor 2009 vertaald naar aangepaste doelstellingen, die in een aantal gevallen dan ook behaald zijn. Ook is het mogelijk dat er coulancebonussen zijn uitgekeerd.’

Ten slotte blijkt uit de resultaten dat van de mensen die in aanmerking komen voor een bonus, iets minder mensen hem ook echt ontvangen hebben. Over 2009 ging het om 80 procent van de mensen, terwijl het over het jaar 2008 nog om 90 procent van de mensen ging.

Betrokkenheid
Uit ander onderzoek, ook van Hay Group, blijkt dat 60 procent van de mensen momenteel op zoek is naar een nieuwe baan. Of ze die ook allemaal gaan vinden, is dan natuurlijk nog maar de vraag. ‘Je kunt aan de hand van dit cijfer natuurlijk wel zeggen dat er iets aan de hand is bij de betrokkenheid van medewerkers. Ik denk dat het cijfer weer op pre-recessieniveau zit. Mensen zijn echt weer alert op een mogelijke overstap. Misschien heeft het te maken met het feit dat veel bedrijven moesten snijden in de kosten, en dat gedaan hebben in bijvoorbeeld ontwikkelingsmogelijkheden. Dat heeft iets gedaan met de betrokkenheid van mensen.’

Basti Baroncini, redacteur P&Oactueel.

Lees meer over:

Over Auteur

De redactie van XpertHR Actueel zorgt er gezamenlijk voor dat u op de hoogte blijft van het laatste P&O-nieuws, de ontwikkelingen in het vakgebied en relevante jurisprudentie.