Werkgeversaansprakelijkheid bij verkeersongevallen

0

‘Ben ik als werkgever aansprakelijk voor de schade die mijn werknemer
lijdt wanneer hij of zij tijdens werktijd bij een verkeersongeval betrokken
raakt?’ In twee recente arresten heeft de Hoge Raad zich over deze
vraag uitgelaten.

Casus 1: Taxichauffeur

Een taxichauffeur raakt betrokken bij een botsing met een trein bij het oversteken van een onbewaakte spoorwegovergang. De taxichauffeur loopt hierbij ernstig letsel op. De werkgever had – conform CAO Taxivervoer – een ongevallenverzekering en een inzittendenverzekering voor haar werknemers afgesloten. Door deze verzekeringen wordt slechts een deel van de schade vergoed; de taxichauffeur stelt zijn werkgever aansprakelijk voor de overige schade.

De kantonrechter en het hof wijzen de vordering van de taxichauffeur af; zij vinden dat van de werkgever niet verwacht kan worden dat hij de schade moet vergoeden die niet door de verzekeraars wordt vergoed. Dat had onder bepaalde omstandigheden anders kunnen zijn, maar van die omstandigheden was volgens het hof geen sprake.

De Hoge Raad denkt anders over de zaak en construeert de aansprakelijkheid van de werkgever als volgt. Het beginsel van goed werkgeverschap brengt met zich mee dat de werkgever een ‘behoorlijke verzekering’ voor werknemers moet afsluiten, wier werkzaamheden ertoe kunnen leiden dat zij als bestuurder van een motorvoertuig betrokken raken bij een verkeersongeval. Voor een antwoord op de vraag wat onder een ‘behoorlijke verzekering’ dient te worden verstaan, moet gekeken worden naar alle omstandigheden; in het bijzonder naar de verzekeringsmogelijkheden en naar de hoogte van de premie waarvan in redelijkheid van een werkgever verwacht mag worden dat de werkgever die voor haar rekening neemt. Verder moet gekeken worden naar de heersende maatschappelijke opvattingen omtrent de vraag voor welke schade een behoorlijke verzekering dekking dient te verlenen.

De Hoge Raad stelt een grens voor de omvang van de verzekeringsplicht. In de eerste plaats dient gekeken te worden naar de situatie waarin wel een ‘behoorlijke verzekering’ zou zijn afgesloten en tot welk bedrag dan dekking zou zijn verleend. En in de tweede plaats hoeft de verzekering geen dekking te verlenen voor bewust roekeloos of opzettelijk gedrag van de werknemer.

Het enkele feit dat de verzekeringen conform cao waren afgesloten, maakt volgens de Hoge Raad nog niet (noodzakelijkerwijs) dat er sprake is van een ‘behoorlijke verzekering’. De zaak is terugverwezen naar het hof die moet gaan onderzoeken of de door de werkgever afgesloten verzekeringen als ‘behoorlijk’ zijn aan te merken.

Als alternatief (voor het afsluiten van een ‘behoorlijke verzekering’) kan de werkgever er volgens de Hoge Raad ook voor kiezen om de werknemer financieel in staat te stellen zelf een ‘behoorlijke verzekering’ af te sluiten, mits hierover voldoende duidelijkheid tussen de werkgever en de werknemer wordt gecreëerd. Dit alternatief speelt met name bij werknemers die gebruik maken van hun eigen auto voor de uitoefening van hun werkzaamheden.

Casus 2: Whiplash

In deze zaak was de werknemer op weg naar een bijeenkomst waar hij voor zijn werkgever een presentatie zou geven. Op de route naar deze bespreking liggen polderwegen. De werknemer heeft aangevoerd dat hij bij het rijden over deze wegen geen gordel droeg omdat hij bang was om niet op tijd uit zijn auto te komen als hij te water zou raken. De werknemer raakt tijdens deze rit niet te water, maar wordt aangereden, terwijl hij geen gordel droeg. Hij houdt een whiplashtrauma aan de aanrijding over. De rechtbank – in de procedure tussen de (verzekeraars van de) bestuurders – heeft vastgesteld dat de andere bestuurder voor 75% van de schade aansprakelijk is. De overige 25% dient volgens de rechtbank door de werknemer zelf te worden gedragen, aangezien hij zijn gordel niet droeg. De werknemer vordert deze 25% – in de hier behandelde procedure – van zijn werkgever.

Een verschil met de casus ‘taxichauffeur’ is dat de werkgever in deze procedure zich op het standpunt heeft gesteld dat zij niet verantwoordelijk voor de schade is, aangezien de werknemer door het niet dragen van de gordel bewust roekeloos heeft gehandeld. De kantonrechter en het hof volgen de werkgever in haar verweer en wijzen de vordering van de werknemer af.

De Hoge Raad echter oordeelt ook in deze zaak anders dan de lagere rechters. De werkgever dient in beginsel de 25% die niet werd uitgekeerd door de (verzekeraar van de) andere bestuurder te vergoeden. De redenering van de Hoge Raad is dezelfde als onder de hierboven genoemde casus: de werkgever dient voor een ‘behoorlijke verzekering’ voor haar werknemers te zorgen en als zij dit nalaat dan is de werkgever aansprakelijk voor de door de werknemer geleden schade.

Over het bewust niet dragen van de gordel oordeelt de Hoge Raad dat dit niet (per definitie) maakt dat er sprake is van bewust roekeloos handelen. Het verweer van de werkgever houdt bij de Hoge Raad dus geen stand.

Voor de volledigheid merk ik twee zaken op. Ten eerste: beide procedures zijn terugverwezen naar het hof. De hoven moeten nu – de hierboven genoemde instructies van de Hoge Raad in het achterhoofd houdende – onderzoeken of de verzekeringen die wel waren afgesloten als ‘behoorlijke verzekering’ kunnen worden aangeduid. Het is dus niet uitgesloten dat het hof tot de conclusie komt dat de werkgevers in beide zaken hebben voldaan aan hun verzekeringsplicht. En dat de werknemer dus (alsnog) zelf het deel dat hij van de werkgever vorderde dient te dragen. Ten tweede merk ik op dat het bij deze casus gaat om een bestuurder-werknemer en niet om een passagier-werknemer. Het is de vraag of deze arresten ook voor passagiers-werknemers gelden, nu de Hoge Raad spreekt van ‘bestuurders wier werkzaamheden ertoe kunnen leiden dat zij betrokken raken bij een verkeersongeval’ .

Woon-werkverkeer

In de twee hierboven behandelde casus gaat het om een ongeval dat tijdens werktijd gebeurde. Maar hoe zit het dan met ongevallen die gebeuren in het schemergebied van werktijd en privé tijd ; met andere woorden, ongevallen tijdens het woon-werkverkeer? Het gaat dan immers (strikt genomen) niet om ongevallen tijdens werktijd. In dit soort gevallen is de aansprakelijkheid van de werkgever in de rechtspraak nog niet helemaal uitgekristalliseerd.

Als leidraad kan – naar de huidige stand van de rechtspraak – worden aangenomen dat ongevallen tijdens woon-werkverkeer niet onder de aansprakelijkheid van de werkgever vallen. De werkgever hoeft in beginsel dus geen ‘behoorlijke verzekering’ voor het woon-werkverkeer van haar werknemers af te sluiten. Let wel: een ‘harde hoofdregel’ is niet te geven, veel zal afhangen van de specifieke feiten en omstandigheden van het geval.

Zo werd de werkgever niet aansprakelijk gehouden in de zaak van de werkneemster die na (declarabele) overuren te hebben gemaakt op weg naar huis in haar lease-auto bij een ongeval betrokken raakte. De Hoge Raad vond in dat geval dat er te weinig verband was tussen het ongeval en de werkzaamheden. Er zijn daarentegen ook uitspraken waarin de werkgever wel aansprakelijk was voor ongevallen die – strikt genomen – onder woon-werkverkeer te scharen zijn. Zo was de werkgever wel aansprakelijk voor de schade ten gevolge van een verkeersongeval die haar werknemer leed toen hij met enkele collega’s op weg was van huis naar een bouwplek. De CAO bood een extra vergoeding voor de tijd die dat woon-werkverkeer in beslag nam. Daarmee was er volgens de Hoge Raad een voldoende nauwe band met het werk. Het lijkt al met al raadzaam om voor dit soort gevallen toch een ‘behoorlijke verzekering’ af te sluiten: ‘better safe than sorry’.

Conclusies en aanbevelingen

Het antwoord op de vraag: ‘Ben ik als werkgever aansprakelijk voor de schade die mijn werknemer lijdt wanneer hij of zij tijdens werktijd bij een verkeersongeval betrokken raakt?’ luidt: ‘Ja, tenzij u een behoorlijke verzekering voor uw werknemers heeft afgesloten of tenzij er sprake is van opzet of bewuste roekeloosheid aan de kant van de werknemer.

Op werkgevers rust de plicht een ‘behoorlijke verzekering’ af te sluiten – dan wel haar werknemers financieel in staat te stellen zelf een ‘behoorlijke verzekering’ af te sluiten – voor haar werknemers die in de uitoefening van hun werkzaamheden als bestuurder van een motorvoertuig deelnemen aan het verkeer. Als de werkgever dat niet of onvoldoende behoorlijk doet, dan is zij – behalve wanneer er sprake is van bewuste roekeloosheid of opzet van de werknemer – aansprakelijk voor de schade die de werknemer ten gevolge van het ongeval tijdens werktijd heeft geleden, voor zover een ‘behoorlijke verzekering’ dekking zou hebben geboden.

Wat betreft ‘besturende’ werknemers financieel in staat te stellen zelf een ‘behoorlijke verzekering’ af te sluiten, is de nodige zorgzaamheid geboden. Er zullen duidelijke afspraken moeten worden gemaakt waarvoor de financiële bijdrage gebruikt zal moeten worden. Het is raadzaam om te controleren of uw werknemer een behoorlijke verzekering heeft afgesloten. Om discussies over de vraag of de werknemer de financiële bijdrage goed heeft besteed te voorkomen, verdient het de voorkeur dat de werkgever de verzekeringen zelf afsluit en alleen de werknemers die hun eigen auto voor werk gebruiken een financiële bijdrage te geven.

Moraal van het verhaal: onderzoek de mogelijkheden om uw ‘besturende’ werknemers ‘behoorlijk’ te verzekeren en sluit die verzekering af. Houd daarbij rekening met het feit dat de Hoge Raad van de werkgever verwacht dat zij een ‘behoorlijke verzekering’ afsluit; dat schade als gevolg van bewust roekeloos of opzettelijk handelen niet gedekt hoeft te zijn; en dat zelfs het niet dragen van een gordel onder bepaalde omstandigheden niet als bewuste roekeloosheid wordt aangemerkt. Verder wordt van de werkgever verwacht dat zij bereid is een in verhouding staande premie te betalen.

Kortom: het is raadzaam om bij uw tussenpersoon of verzekeraar na te gaan of uw lopende verzekering als ‘behoorlijk’ is aan te merken.

Share on FacebookTweet about this on TwitterShare on LinkedInEmail this to someone
Lees meer over:

Over Auteur

Redactie XpertHR Actueel

De redactie van XpertHR Actueel zorgt er gezamenlijk voor dat jij op de hoogte blijft van het laatste P&O-nieuws, de ontwikkelingen in het vakgebied en relevante jurisprudentie.

Reageer