Werkgever mag ploegendienst wijzigen

0

De werkgever heeft beleidsvrijheid bij de vaststelling van de werkroosters. In dit geval woog het belang van de werkgever bij de roosterwijzgingen ook zwaarder dan dat van de werknemers.

De situatie

Zestien schippers en bootsmannen werken in ploegendienst voor de Vlissingse Bootliedenwacht. De werkgever krijgt in 2009 een boete van de Arbeidsinspectie voor overtreding van de Arbeidstijdenwet (Atw). De in het bedrijf toegepaste 12-uurs nachtdiensten is niet toegestaan.
Het probleem zou kunnen opgelost worden door een 13/11-rooster: een dagdienst van 13 uur en een nachtdienst van 11 uur. Maar daarbij is geen ruimte voor extra werk en loopt de werkgever nog steeds het risico om de Atw te overtreden.
Begin 2010 wordt er onderhandeld over een ‘Arbeidstijdenwetproof’ rooster. Het overleg loopt vast en vanaf mei 2010 wordt er tijdelijk gewerkt met het 13/11-rooster. Na veel heen-en-weer gepraat sluiten de onderhandelaars een akkoord over een zesploegendienst maar dat wordt later door de werknemers in een referendum weggestemd.
De werkgever voert op 15 december toch de zesploegendienst in. De werknemers voeren hiertegen acties onder leiding van de FNV. Ze blijven werken in de oude ploegsamenstelling en volgens het 13/11-rooster. De werkgever ontslaat een aantal werknemers op staande voet. Een kort geding dwingt de werkgever de ontslagen in te trekken. Als de werknemers – bij wijze van actie – opnieuw volgens het 13/11 rooster willen gaan werken, weigert de werkgever hen toe te laten tot het werk. De actievoerende werknemers houden zich beschikbaar houden voor werk.

De vordering

In het kort geding vorderen de werknemers wedertewerkstelling volgens het 13/11-rooster, in oude ploegsamenstelling en doorbetaling van loon.

Derde kort geding op rij

Voordat de kantonrechter zich buigt over de inhoud van de zaak, geeft hij zowel de werkgever als de FNV een tik op de neus. Beide partijen hebben er aan meegewerkt dat de kwestie geëscaleerd is. Onder meer het ontslaan van werknemers die meededen aan een collectieve stakingsactie door de werkgever en het zich in de onderhandelingen laten vertegenwoordigen (FNV) door een onderhandelaar die niet goed ligt bij de werkgever hebben de situatie doen escaleren. Bovendien is dit het derde kort geding op rij over deze kwestie en dat doet de zaak zeker geen goed. De enige echte oplossing is volgens de rechter een nieuw overleg met een onafhankelijke bemiddelaar.

Het oordeel

De kantonrechter beoordeelt de stakingsacties als rechtmatig maar wijst de vorderingen tot loon en wedertewerkstelling af. Op basis van het Europees Sociaal Handvest zijn de aangekondigde acties toegestaan. Toch kan van de werkgever niet worden verlangd dat hij de werknemers weer laat werken en doorbetaalt. De rechter kijkt hierbij naar alle omstandigheden. Het bedrijf moet 24 uur per dag en 7 dagen per week diensten kunnen leveren aan schepen. Nadat de werkgever geconfronteerd was met de overtreding van de Arbeidstijdenwet heeft hij het rooster aangepast naar een 13/11-rooster en later naar een zesploegendienst. Een werkgever heeft met in het maken van roosters beleidsvrijheid. Dat over de invoering van een zesploegendienst nog geen formeel akkoord bereikt, betekent niet dat de invoering in strijd is met goed werkgeverschap, vindt de rechter. Hij kent een groter belang toe aan de continuïteit van het bedrijf dan aan het sociale belang van de werknemers. De werkgever loopt nu minder risico’s met de arbeidstijden terwijl de werknemers hetzelfde aantal uren kunnen werken. De werknemers mogen niet het 13/11-rooster eisen of loondoorbetaling eisen terwijl zij niet werken. In dit geval geldt: geen arbeid, geen loon.

LJN BP3014
Kantonrechter Middelburg
Arbeidstijden
Kort geding
3 februari 2011

Door mr. Ingrid Kooijman

Share on FacebookTweet about this on TwitterShare on LinkedInEmail this to someone
Lees meer over:

Over Auteur

Redactie XpertHR Actueel

De redactie van XpertHR Actueel zorgt er gezamenlijk voor dat jij op de hoogte blijft van het laatste P&O-nieuws, de ontwikkelingen in het vakgebied en relevante jurisprudentie.

Reageer