Immateriële schadevergoeding voor RSI door niet nakomen zorgplicht

0

Werkgever is zorgplicht niet nagekomen en moet materiële en immateriële
schadevergoeding betalen.

 

Werkneemster was enige tijd in loondienst bij Stegeman in de functie van productiemedewerkster. Op 23 september 2002 heeft werkneemster haar werkzaamheden definitief gestaakt wegens ziekte.

Werkneemster heeft gesteld dat zij door haar werkzaamheden de beroepsziekte RSI heeft opgelopen en dat zij daardoor blijvende pijnklachten aan nek, linkerarm en schouder heeft. Hierdoor is werkneemster in haar activiteiten beperkt.

Werkgever stelt dat de werkzaamheden voldoende afwisselend waren en dat er voldoende pauzes waren.

Kantonrechter

De kantonrechter heeft de arbeidsovereenkomst ontbonden en een vergoeding van € 35.000,- bruto toegekend. De kantonrechter acht in een latere procedure een causaal verband aanwezig tussen de klachten van werkneemster en haar werkzaamheden. Daarnaast oordeelt de kantonrechter dat werkgever zijn zorgplicht tegenover werkneemster niet is nagekomen. Verder heeft werkgever niet gesteld dat er sprake was van opzet of bewuste roekeloosheid, waardoor de schade voor rekening van werkneemster had moeten komen.

De kantonrechter acht een ontbindingsvergoeding van € 35.000,- niet op zijn plaats en bepaalt de schade op een bedrag van € 10.000,- als voorschot op de materiële en immateriële schadevergoeding. Voor de overige schade gelast de kantonrechter een schadestaatprocedure. Werkgever gaat in hoger beroep tegen deze uitspraak.

Gerechtshof

Het hof gaat ervan uit dat het causaal verband tussen de door werkneemster gestelde RSI-klachten en de uitoefening van de door haar verrichte werkzaamheden tijdens het dienstverband aanwezig is. Het hof oordeelt verder dat werkgever niet heeft bewezen dat hij zijn zorgplicht is nagekomen.

Het hof is van oordeel dat werkgever in strijd heeft gehandeld met artikel 3 Arbeidsomstandighedenwet, omdat werkneemster tijdens haar dienstverband steeds gedurende 1 uur en 45 minuten ononderbroken dezelfde monotone en tempogebonden taak moest verrichten, zonder pauzes of taakroulaties tussendoor.

Werkgever is op tenminste vier essentiële onderdelen tekort geschoten in zijn zorgverplichting met betrekking tot het beperken van de risico’ s van RSI. Het dagelijks verkeren in een bepaalde werksituatie zal ertoe leiden dat medewerkers de lichamelijke belasting eerder inherent aan het werk gaan beschouwen en minder snel over hun arbeidsomstandigheden zullen klagen. Werkgevers zullen hiermee rekening moeten houden en zonodig werknemers daarop attent (blijven) maken.

De omvang van de schade zal worden bepaald in een schadestaatprocedure en alle vragen die daarop betrekking hebben zullen in die procedure moeten worden behandeld. Het hof bekrachtigt het vonnis van de kantonrechter en veroordeelt werkgever in de proceskosten.

Bron: LJN BF5931
Gerechtshof Amsterdam
Datum: 08-04-2008

Share on FacebookTweet about this on TwitterShare on LinkedInEmail this to someone
Lees meer over:

Over Auteur

Redactie XpertHR Actueel

De redactie van XpertHR Actueel zorgt er gezamenlijk voor dat jij op de hoogte blijft van het laatste P&O-nieuws, de ontwikkelingen in het vakgebied en relevante jurisprudentie.

Reageer