Kennelijk onredelijk ontslag: toepassing Haagse formule

0

Een arbeidsongeschikte werknemer vindt het ontslag dat hem is aangezegd met toestemming van het CWI, onredelijk. In hoger beroep oordeelt het hof dat het niet kennelijk onredelijk is omdat een toe te kennen vergoeding bij toepassing van de Haagse formule op nul zou uitkomen.

De situatie

Een beveiligingsbeambte en groepsleider is ruim 37 jaar in dienst als hij in 2001 arbeidsongeschikt wordt. In 2004 krijgt de werkgever van het CWI  toestemming om de werknemer te ontslaan omdat hij langer dan twee jaar ziek is en niet verwacht wordt dat hij op korte termijn zal herstellen. De werknemer stapt naar de kantonrechter. Hij vordert onder andere een vergoeding van  ruim  € 128.000 wegens kennelijk onredelijk ontslag. De kantonrechter wijst zijn vorderingen af. De werknemer gaat in hoger beroep.

Het oordeel

Het hof geeft aan dat bij de beoordeling of de gevolgen van het ontslag voor de werknemer te ernstig zijn in vergelijking met het belang van de werkgever bij de opzegging alle omstandigheden van het geval moeten worden meegewogen. Het hof geeft ook aan dat zij overeenkomstig de vaste rechtspraak van het hof Den Haag de kantonrechtersformule minus 30% zal toepassen. In dit geval zou de vergoeding uitkomen op nul omdat de arbeidsongeschiktheid binnen de risicosfeer van de werknemer valt. Het lange dienstverband is op zichzelf geen reden voor een vergoeding. De werkgever heeft dus bij  de beëindiging van de arbeidsovereenkomst zonder vergoeding niet minder betaald dan waarop de kantonrechtersformule min 30% zou uitkomen (nul). Daarom is het ontslag niet kennelijk onredelijk. De werkgever heeft zelfs de werknemer nog anderhalf jaar langer in dienst gehouden dan de twee jaar na arbeidsongeschiktheid en heeft hem tijdens zijn ziekte ook nog onverplicht een jubileumuitkering gegeven van ruim € 5000. Het hof bekrachtigt het vonnis van de kantonrechter.

Correctiefactor en risicosfeer

In de aanbevelingen van de Kring van Kantonrechters wordt de samenstelling van de C-factor toegelicht. Als de ontbindingsgrond in de risicosfeer van de werkgever valt, is de correctiefactor (C) gelijk aan 1. Ligt de ontbindingsgrond geheel in de risicosfeer van de werknemer, dan is C gelijk aan 0. Als er sprake is van verwijtbaarheid bij één van partijen dan wordt de ernst van de verwijten in de C-factor tot uitdrukking gebracht, net als de overige bijzondere omstandigheden van het geval.

Bron: LJN BJ1712
Gerechtshof Den Haag
Procedure: hoger beroep
Datum: 23 juli 2009

Door mr. Ingrid Kooijman

Lees meer over:

Over Auteur

De redactie van XpertHR Actueel zorgt er gezamenlijk voor dat u op de hoogte blijft van het laatste P&O-nieuws, de ontwikkelingen in het vakgebied en relevante jurisprudentie.