Geen dwaling over concurrentiebeding opgesteld in bijzijn advocaten

1

In een vaststellingsovereenkomst wordt een concurrentiebeding opgenomen. Omdat het is opgesteld in het bijzijn van advocaten en het beding onderdeel is van een ‘package deal’ ziet de kantonrechter geen reden voor vernietiging of schorsing van het beding.

De situatie

Een werknemer komt in oktober 2008 als vertegenwoordiger in dienst bij een groothandel in rijwielen en rijwielonderdelen. In het voorjaar van 2009 geeft de werknemer aan ontslag te willen nemen. Er wordt een vaststellingsovereenkomst opgesteld in het bijzijn van advocaten van de werknemer en de werkgever. Een concurrentiebeding en een beëindigingsvergoeding van € 28.080 zijn onderdeel van de afspraken. Het concurrentiebeding geldt voor drie jaar en daarin wordt de werknemer alleen toegestaan werkzaamheden te verrichten voor Fietsnet.nl. Dit bedrijf verkoopt alleen fietsen aan particulieren via internet en is daarom geen concurrent.
Enige tijd later blijkt dat de werknemer voor concurrent Netfiets is gaan werken.

De vordering

De werkgever vordert in kort geding dat het de werknemer verboden wordt om zolang het concurrentiebeding loopt, werkzaamheden te verrichten voor Netfiets, op straffe van een dwangsom.

Het verweer

De werknemer heeft op zijn beurt gevraagd om het concurrentiebeding te vernietigen of te schorsen. Hij is van mening dat er sprake is van wederzijdse dwaling en dat in het beding een verschrijving staat: ‘Fietsnet’ moest ‘Netfiets’ zijn.

Het oordeel

De kantonrechter wijst de vordering van de werkgever toe. De werknemer mag niet langer bij Netfiets werken op straffe van een dwangsom € 500,- per dag. De vordering van de werknemer wijst de kantonrechter daarmee af. De kantonrechter vindt dat er geen sprake is van wederzijdse dwaling omdat partijen zich bij de onderhandelingen over de vaststellingsovereenkomst hebben laten bijstaan door advocaten. Daarom wordt de tekst van het concurrentiebeding in die overeenkomst staat als uitgangspunt genomen. Uit getuigenverklaringen is ook niet aannemelijk geworden dat de bedoeling van partijen bij het opstellen van de overeenkomst anders was dan in de overeenkomst staat.
Daarnaast is de kantonrechter van oordeel dat de werknemer zich bewust was van het naderende einde van zijn dienstverband en dat daarmee het concurrentiebeding waarmee hij had ingestemd inwerking zou treden.
Tot slot meent de kantonrechter dat de vaststellingsovereenkomst een ‘package deal’ is waarin alle gevolgen van de beëindiging van de arbeidsovereenkomst zijn geregeld. In deze deal bestaat een evenwicht tussen de belangen van de partijen en het concurrentiebeding is daar een substantieel onderdeel van.

LJN BM5230
Kantonrechter Winschoten
Concurrentiebeding
Kort geding
06 mei 2010

Door mr. Ingrid Kooijman

Share on FacebookTweet about this on TwitterShare on LinkedInEmail this to someone
Lees meer over:

Over Auteur

Redactie XpertHR Actueel

De redactie van XpertHR Actueel zorgt er gezamenlijk voor dat jij op de hoogte blijft van het laatste P&O-nieuws, de ontwikkelingen in het vakgebied en relevante jurisprudentie.

1 reactie

Reageer