De cel in na overtreding concurrentiebeding

0

Het gebeurt zelden, maar in juni gaf de rechter een werkgever toestemming om een ex-werknemer te laten oppakken en in de cel te laten zetten voor het stelselmatig overtreden van zijn concurrentiebeding. De werkgever moet wel de kosten van het verblijf in het huis van bewaring voorschieten.

De situatie

Een uitzendbureau dat in Nederland en België Poolse werknemers uitleent, heeft een conflict met een ex-werknemer over het nakomen van het concurrentiebeding. De ex-werknemer werkt voor een concurrent en benadert de klanten van zijn voormalige werkgever. Dat leidt tot een rechtszaak. In hoger beroep veroordeelt het hof de ex-werknemer voor overtreding van zijn concurrentiebeding en zijn relatiebeding. Hij mag, op straffe van een dwangsom, niet meer voor de concurrent werken en hij moet zijn vroegere werkgever een lijst geven met klanten die hij, in strijd met zijn concurrentiebeding, na zijn ontslag heeft benaderd. De ex-werknemer moet ook een voorschot van  € 5.000 op de al verbeurde boetes betalen. De werkgever probeert dat bedrag te innen en heeft daarvoor zelfs al beslag laten leggen op eigendommen van de ex-werknemer. De openbare verkoop van de spullen is uitgesteld omdat de ex-werknemer verzet heeft aangetekend tegen de beslaglegging.

De vordering

De werkgever ziet geen andere weg meer dan de rechter te vragen om lijfsdwang. Maar lijfsdwang wordt zelden toegewezen omdat het zo’n heftige maatregel is. Bij lijfsdwang wordt de schuldenaar opgepakt en naar het huis van bewaring gebracht door de deurwaarder, eventueel bijgestaan door de politie. Degenen die om de lijfsdwang vraagt, moet wel de kosten van het verblijf in het huis van bewaring voorschieten. 

Het oordeel

Het uitgangspunt is dat rechterlijke uitspraken moet worden nagekomen. Lijfsdwang is het uiterste middel dat kan worden ingezet in een civiele zaak en zal ook alleen maar toegewezen worden als elk ander dwangmiddel, zoals een dwangsom, geen soelaas biedt. De schuldeiser moet zo’n groot belang hebben dat de toepassing van lijfsdwang gerechtvaardigd is.

Extreem maar toch redelijk

De rechter vindt lijfsdwang in dit geval een redelijk middel. Het hof heeft in zijn uitspraak specifiek en gemotiveerd aangegeven waarom en hoe de ex-werknemer het concurrentiebeding en het relatiebeding overtreedt. En toch zet de ex-werknemer zijn verboden activiteiten voort. Het gebod om een lijst met de relaties te verstrekken heeft de ex-werknemer in de wind geslagen. Welke redenen hij daar ook voor heeft, die ontslaan hem simpelweg niet van de verplichting om gehoor te geven aan het door het hof uitgesproken gebod.

De werkgever heeft voldoende aangetoond dat de ex-werknemer de veroordelingen niet nakomt en dat het bedrijf daardoor nog steeds schade lijdt. De werkgever heeft met vele sommatiebrieven en het executoriaal beslag geprobeerd om de werknemer ertoe te bewegen aan het vonnis te voldoen.  Het opleggen van een dwangsom was blijkbaar niet voldoende als dwingend ervaren. Het is duidelijk dat toepassing van een ander dwangmiddel ook geen uitkomst zal bieden.

De rechtbank geeft de werkgever toestemming om de werknemer in gijzeling te laten nemen voor maximaal 1 maand per overtreding van het concurrentiebeding, met een maximum van 1 jaar. Voor overtreding van het gebod om de lijst af te geven, mag de werkgever de werknemer 4 uur laten vastzetten voor elke 3 dagen dat hij niet voldoet aan het gebod, met een maximum van 1 maand.

LJN BQ9501
Rechtbank Breda
Gijzeling, lijfsdwang
Kort geding
28 juni 2011

Door mr. Ingrid Kooijman

Lees meer over:

Over Auteur

De redactie van XpertHR Actueel zorgt er gezamenlijk voor dat u op de hoogte blijft van het laatste P&O-nieuws, de ontwikkelingen in het vakgebied en relevante jurisprudentie.