Bij wijziging functienaam ontstaat geen nieuwe arbeidsovereenkomst

0

Bij een verandering van een functienaam ontstaat geen nieuwe arbeidsovereenkomst. Er is daarom geen vierde contract en daarmee een contract voor onbepaalde tijd ontstaan.

De situatie

Een werknemer komt op 6 oktober 2008 op een jaarcontract bij een payrollbedrijf in dienst als rayonmanager. Zijn contract bevat een concurrentiebeding en een relatiebeding. Per 1 januari 2009 verandert zijn functienaam in ‘accountmanager’. De werkgever bevestigt de wijziging per brief en wijst de werknemer erop dat zijn overige arbeidsvoorwaarden ongewijzigd blijven. De werknemer tekent de brief voor akkoord.
Hij krijgt per 6 oktober 2009 een contract bij een dochtermaatschappij voor 6 maanden dat nog eens verlengd wordt met een jaar, waarbij expliciet wordt gewezen op het voortbestaan van het concurrentie- en relatiebeding.
Nog voor het einde van dit contract beëindigen de partijen in onderling overleg de arbeidsrelatie. Er wordt een beëindigingsovereenkomst opgesteld waarin uitdrukkelijk staat dat de werkgever het concurrentiebeding en het relatiebeding handhaaft.
Na zijn ontslag start de werknemer zijn eigen uitzendbureau. En dat vindt zijn voormalige werkgever niet leuk. Die wijst hem op zijn concurrentiebeding. Er worden wat brieven over en weer geschreven en uiteindelijk ligt er een aanbod van de werkgever dat de werknemer wel een uitzendbureau mag drijven maar zich niet bezig mag houden met payrolling. De ex-werknemer gaat niet akkoord met het voorstel en stapt naar de rechter.

De vordering

De ex-werknemer zegt dat hij pas na zijn ontslag er achter kwam dat hij eigenlijk een contract voor onbepaalde tijd had. Hij vordert daarom een verklaring voor recht dat zijn ontslag onregelmatig is en vordert achterstallig loon en een schadevergoeding van bijna € 10.000. Hij wil ook ontheven worden uit de verplichtingen van zijn concurrentiebeding.
De voormalige werkgever dient van zijn kant ook vorderingen in: hij vordert dat de ex-werknemer binnen 24 uur stopt met de activiteiten voor zijn eigen uitzendbureau en vordert betaling van de verbeurde boetes wegens overtreding van het concurrentiebeding.

Het oordeel

De rechter oordeelt dat er geen contract voor onbepaalde tijd is ontstaan, zoals de werknemer betoogt. Bij de wijziging van de functienaam is geen nieuwe arbeidsovereenkomst ontstaan.
Er is ook geen sprake van dwaling bij het beëindigen van de arbeidsrelatie. De werknemer heeft voor het tekenen van de beëindigingsovereenkomst juridisch advies ingewonnen bij een adviseur van de vakbond.

Uitzenden niet hetzelfde als payrolling

Het concurrentiebeding is rechtsgeldig omdat de werknemer meerdere malen, en zelfs na inwinnen van juridisch advies, heeft getekend voor de toepasselijkheid van het beding.
Van de rechter mag de ex-werknemer zijn uitzendbureau voortzetten als hij zich maar onthoudt van payrollingactiviteiten. Dat het concurrentiebeding de ex-werknemer verbiedt uitzendactiviteiten te verrichten, blijkt niet duidelijk uit de tekst van het concurrentiebeding. De rechter wijst nog eens op het belang van het zorgvuldig formuleren van zo’n beding vanwege de grote impact die het heeft op de vrije arbeidskeuze van werknemers.

LJN BR2859
Rechtbank Breda
Geldigheid concurrentiebeding
Eerste aanleg
29 juni 2011

Door mr. Ingrid Kooijman

Lees meer over:

Over Auteur

De redactie van XpertHR Actueel zorgt er gezamenlijk voor dat u op de hoogte blijft van het laatste P&O-nieuws, de ontwikkelingen in het vakgebied en relevante jurisprudentie.