Voor wielrenners geldt één criterium: presteren!

0

Wegens het uitblijven van prestaties wordt de arbeidsovereenkomst met een
professioneel wielrenner ontbonden. Voor toepassing van de kantonrechtersformule
is geen plaats, zo blijkt uit een uitspraak van de kantonrechter Utrecht d.d. 5
december 2007 ().

De feiten

Werknemer is als beroepswielrenner in vaste dienst van de Rabo Wielerploegen B.V. Rabo heeft om ontbinding van de arbeidsovereenkomst verzocht, omdat werknemer de afgelopen jaren geen aantoonbare wedstrijdprestaties heeft geleverd. Bovendien is er bij hem geen vooruitgang waargenomen. Dit ligt ook niet voor de hand gezien de leeftijd van de renner.

Werknemer voert als verweer op de verzochte ontbinding aan dat van disfunctioneren geen sprake is, althans dat Rabo het vermeende disfunctioneren niet heeft aangetoond c.q. onderbouwd met gespreksverslagen, evaluatieformulieren of cijfermateriaal. Bovendien heeft werknemer in 2005 nog een loonsverhoging van bijna 100% (!) gekregen.

Voor het geval de arbeidsovereenkomst wel ontbonden wordt, verzoekt de wielrenner om een hogere vergoeding dan gebruikelijk (en dus niet een maansalaris per dienstjaar, c=1) maar baseert deze vergoeding op correctiefactor c=2. Hij voert aan dat ontbinding van de arbeidsovereenkomst een voortijdig einde van zijn carrière zal betekenen, omdat het problematisch zal zijn om bij een andere professionele wielerploeg in dienst te treden. Werknemer voert aan dat hij werkloos zal worden en enige tijd nodig zal hebben om een maatschappelijke carrière op te bouwen.

Oordeel kantonrechter

De Utrechtse kantonrechter overweegt dat het bij “vermeend disfunctioneren” gebruikelijk is dat hiervan blijkt uit verslagen van functioneringsgesprekken, beoordelingsgesprekken en evaluatiegesprekken. Echter, dit gebruik gaat in deze zaak niet op door de bijzondere aard van de verhouding tussen partijen.

De kantonrechter overweegt dat voor het beroep van “professioneel wielrenner” geen competentieprofiel bestaat, aan de hand waarvan jaarlijks kan worden nagegaan of werknemer daaraan voldoet. Aan het ontbreken van op schrift gestelde criteria voor voortzetting van het dienstverband komt dan ook geen betekenis toe, aldus de kantonrechter. In de professionele wielersport geldt slechts één criterium: presteren!

Het feit dat de wielrenner i.c. niet (voldoende) presteerde, levert een wijziging in de omstandigheden op als bedoeld in artikel 7:685. Opvallend in deze zaak is dat de kantonrechter géén waarde toekent aan de oorzaak van het achterblijven van de prestaties. De wielrenner heeft in de afgelopen twee jaar een aantal blessures én de ziekte van Pfeiffer gehad, maar dat maakt voor het oordeel van de kantonrechter geen verschil.

Vergoeding

Voor wat betreft de vergoeding verwijst de kantonrechter naar de arbeidsovereenkomst tussen partijen. Partijen hebben afgesproken bij ontbinding van de arbeidsovereenkomst geen aanspraak te zullen maken op een vergoeding. De kantonrechter heeft evenwel de vrijheid om van deze afspraak af te wijken, maar ziet daartoe hier geen aanleiding.

Hij overweegt dat “deze zaak zich niet leent voor toepassing van de in de kantonrechtersformule gehanteerde uitgangspunten, meer in het bijzonder de in de zogenaamde c-factor tot uiting komende risicosfeer en verwijtbaarheid.”

Bron: LJN BB9399
Datum: 5-12-2007
Kantonrechter Utrecht

Share on FacebookTweet about this on TwitterShare on LinkedInEmail this to someone
Lees meer over:

Over Auteur

Redactie XpertHR Actueel

De redactie van XpertHR Actueel zorgt er gezamenlijk voor dat jij op de hoogte blijft van het laatste P&O-nieuws, de ontwikkelingen in het vakgebied en relevante jurisprudentie.

Reageer