Verkoop koperafval voor personeelspot geen reden ontslag

0

Een werknemer die koper verkocht ten behoeve van de personeelspot is door de werkgever opstaande voet ontslagen. De werkgever dient alsnog een voorwaardelijk verzoek tot ontbinding in bij de kantonrechter. Maar die ziet in de algemeen geaccepteerde en openlijke koperinzameling en -verkoop geen reden voor ontslag.

De situatie

Binnen de Technische Dienst van een bedrijf wordt koper verzameld uit afval van het bedrijf. De opbrengst van de verkoop van het koper wordt in de personeelspot gestort. Van het geld worden onder andere personeelsfeesten georganiseerd. De grootste lading koper bracht bijna 7.000 euro op.

Het koper werd onder werktijd met een bedrijfsvrachtwagen weggebracht en het geld werd bewaard in een kluis van het bedrijf. Toen een nieuwe leidinggevende 7.500 euro in de kluis aantrof ,heeft de directie een onderzoek laten doen. Naar aanleiding van de uitkomsten van het onderzoek is de werknemer in kwestie op staande voet ontslagen.

Wat wil de werkgever?

De werkgever vraagt de kantonrechter de arbeidsovereenkomst, voorzover die nog bestaat, te ontbinden. De werknemer was initiatiefnemer en uitvoerder van de zogenaamde koperpot. Hij had moeten begrijpen dat het sloopmateriaal eigendom was van het bedrijf en dat de opbrengst niet aan de Technische Dienst maar aan het bedrijf toekwam.

Hoe ziet de werknemer de zaak?

De werknemer ontkent dat hij het brein is achter de koperpot. Het was een collectief idee dat ook collectief is uitgevoerd, met toestemming van de toenmalige leidinggevende.

Het oordeel

De kantonrechter vindt dat uit het feit dat de werknemer degene was die het koper meestal wegbracht en het geld uit de pot haalde voor personeelsfeesten, niet afgeleid kan worden dat hij het brein was achter het geheel. Uit verklaringen blijkt dat het een breed gedragen gedachte was die door de werknemer werd uitgevoerd en dat de koperinzameling ook de instemming leek te hebben van de leidinggevende.  Uit het onderzoek bleek dat vrijwel iedereen binnen de Technische Dienst er van op de hoogte was. Daarnaast lijkt het onwaarschijnlijk dat de werknemer een bedrijfsvrachtwagen kon gebruiken zonder dat de leidinggevende daar van wist. Op grond van deze omstandigheden vindt de kantonrechter niet vast staat dat de gedragingen van de werknemer een reden zijn voor ontslag op staande voet. De rechter vindt wel dat de werknemer, gezien de omvang van de bedragen, had moeten begrijpen dat die bedragen niet zomaar aan de personeelspot ten goede konden komen. Maar dat is nog geen reden voor ontbinding.

De werkgever heeft ook niet aangetoond dat de arbeidsrelatie zodanig is verstoord dat voortzetting zinloos is. Er is niet gebleken dat de collega’s niet meer met hem willen samenwerken. Daarnaast heeft de werkgever ook niet om ontbinding gevraagd van de overeenkomsten van bijvoorbeeld de beheerder van de kluis en andere werknemers die op de hoogte waren. Er werd in alle openbaarheid en onder werktijd koper ingezameld en verkocht en blijkbaar was dat geen reden voor de werkgever om een onderzoek  in te stellen. Tot slot speelt ook nog een rol dat de werknemer tijdens zijn 38-jarig dienstverband nooit eerder is aangesproken op het verduisteren van goederen.

Het verzoek tot voorwaardelijke ontbinding wordt afgewezen

LJN BL0374
Kantonrechter Leeuwarden
Voorwaardelijk ontbinding
Eerste aanleg
18 januari 2010

Door mr. Ingrid Kooijman

Lees meer over:

Over Auteur

De redactie van XpertHR Actueel zorgt er gezamenlijk voor dat u op de hoogte blijft van het laatste P&O-nieuws, de ontwikkelingen in het vakgebied en relevante jurisprudentie.