JurisprudentieHond van de baas leidt tot ontbinding arbeidsovereenkomst

0

Een allergische werknemer verzoekt om ontbinding van zijn arbeidsovereenkomst als de werkgever zijn hond blijft meenemen naar het werk. De kantonrechter oordeelt dat de werkgever ernstig verwijtbaar heeft gehandeld door de gezondheid van de werknemer niet serieus te nemen.

Wat eraan voorafging

Een assistent-accountant die sinds november 2014 bij de werkgever werkt, wordt in juni 2016 ziek. De accountant blijkt allergisch te zijn voor onder andere huisstofmijt. De werkgever neemt de nodige maatregelen: hij legt een laminaatvloer, er komt een luchtreiniger en het kantoor wordt goed schoongemaakt. De werkgever heeft een hond die hij vanaf december 2015 dagelijks meeneemt naar het werk. De allergie van de werknemer voor honden blijft in eerste instantie onduidelijk maar later wordt die toch vastgesteld door de longarts. Als de werkgever de hond mee blijft nemen naar kantoor ontstaat er een arbeidsconflict.

De werknemer stapt naar de rechter en vraagt om ontbinding van de arbeidsovereenkomst onder toekenning van een transitievergoeding en een billijke vergoeding. De reden voor de ontbinding is verandering in de omstandigheden die vergen dat de arbeidsovereenkomst meteen of op korte termijn behoort te eindigen.

Hoe het afloopt

De rechter gaat direct mee in het ontbindingsverzoek omdat de werkgever zich daar niet tegen verzet. De rechter oordeelt daarnaast dat er sprake is van ernstige verwijtbaarheid aan de kant van de werkgever. Die moet op grond van de Arbeidsomstandighedenwet zorgen voor een veilige en gezonde werkomgeving en een beleid voeren dat daarop gericht is.

Werkgever handelde ernstig verwijtbaar

De rechter oordeelt dat een hond op kantoor geen normaal gebruik is en dat de werkneemster daar geen rekening hoefde te houden. En als een werknemer hinder ondervindt van de hond – in de vorm van een allergie of angst voor honden – en dat van invloed is op de gezondheid en het welbevinden van de werknemer dan moet een werkgever maatregelen nemen. De meest voor de hand liggende maatregel is dan het thuislaten van de hond, aldus de rechter. Door de hond toch mee te nemen, negeerde de werkgever de gezondheidsklachten van de werknemer en daarmee handelde de werkgever ernstig verwijtbaar. De werknemer heeft recht op de transitievergoeding.

Billijke vergoeding

Ze krijgt ook een billijke vergoeding van 2.500 euro. De rechter laat in bepaling van de hoogte meewegen dat de allergie voor honden in eerste instantie nog onduidelijk was, dat de werkneemster nog maar kort voor het bedrijf werkte, dat de werkgever wel maatregelen heeft getroffen voor de huisstofmijt en tot slot dat de werkgever de aanwezigheid van de hond blijkbaar belangrijker vond dan de gezondheid van de werknemer.

In de praktijk

De zorgplicht van de werkgever voor de veiligheid en gezondheid van de werknemer is een grote. En als die niet wordt nagekomen, kan dat verschillende gevolgen hebben zoals in dit geval het betalen van een billijke vergoeding bij een ontbinding.

Uitspraak: ECLI:NL:RBROT:2016:9728, 20 december2016

  • In samenwerking met XpertHR plaatst de redactie een praktijkvraag. Deze vraag wordt beantwoord door juristen van XpertHR. XpertHR biedt arbeidsrechtelijke informatie, juridisch advies, praktische tools, praktijkcases, checklists en meer. Geïnteresseerd? Vraag meer informatie of een demonstratie aan >>>
Lees meer over:

Over Auteur

Mr. Ingrid Kooijman is auteur bij XpertHR. Voor XpertHR Actueel houdt ze de jurisprudentie scherp in de gaten. Ze schrijft over arbeidsrecht, HRM en projectmanagement.