Geen contract voor onbepaalde tijd door ziekteverzuim

0

Werknemer krijgt geen arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd wegens niet goed functioneren. Werkgever baseert het niet goed functioneren op een abnormaal verzuimpatroon van de werknemer.

Werknemer werkt sinds 1 december 2006 als buschauffeur bij Veolia. Ze heeft een arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd en werkt drie dagen in de week.

Goed functioneren

In de cao Openbaar Vervoer is bepaald dat alle contracten voor bepaalde tijd die op of na 1 juli 2008 aflopen worden omgezet in een contract voor onbepaalde tijd. Werknemers moeten wel goed gefunctioneerd hebben en de werkgever heeft formatieruimte ter beschikking. Niet goed functioneren moet blijken uit het schriftelijke personeelsdossier.

Op 6 november 2008 heeft werknemer van Veolia telefonisch de mededeling ontvangen dat haar arbeidsovereenkomst per 1 december 2008 niet omgezet zal worden in een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd.

Abnormaal verzuimpatroon

Veolia stelt dat er sinds 31 maart 2008 sprake is van een abnormaal verzuimpatroon. Dit ziekteverzuim vindt zijn oorzaak in functierelevante gezondheidsklachten. Deze gezondheidsklachten zijn niet arbeidsgerelateerd. De gezondheidsklachten zijn van invloed op een goede uitoefening van de functie en vooral de omvang daarvan. Veolia is van mening dat werknemer wel in staat is om goed te functioneren met een normaal verzuimpatroon in de functie van buschauffeur als zij deze functie in een dienstverband van twee dagen per week uitvoert. De werkgever baseert zich op de adviezen van de bedrijfsarts van april en mei 2008 naar aanleiding van het spreekuur en de brief van de bedrijfsarts van 15 december 2008. Werkgever stelt dat werknemer niet drie dagen per week kan werken.

Aangezien werknemer vast wil houden aan een arbeidsovereenkomst van 24 uur per week, heeft Veolia de beslissing genomen de arbeidsovereenkomst niet te verlengen per 1 december 2008.

Vordering

Werknemer vordert een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd, omdat zij gedurende haar dienstverband goed heeft gefunctioneerd.

Uitspraak

Kernpunt van het geschil is of werknemer goed heeft gefunctioneerd in de zin van het betreffende cao-artikel. Werknemer meent dat dit het geval is, aangezien zij nimmer op haar functioneren is aangesproken. Ook van de kant van Veolia wordt bevestigd dat over het werkinhoudelijk functioneren van werknemer geen opmerkingen zijn te maken.

Als ondernemer heeft Veolia uiteraard de vrijheid beslissingen in deze te nemen, echter binnen de kaders van de van toepassing zijnde wet- en regelgeving. Wanneer wordt afgeweken van hetgeen in het kader van een collectieve arbeidsovereenkomst is afgesproken, is het aan de kantonrechter te beoordelen of de werkgever in redelijkheid tot deze beslissing heeft kunnen komen.

De kantonrechter kan de uitleg die Veolia heeft gegeven niet volgen. Veolia heeft het  niet goed functioneren van werknemer gebaseerd op drie stukken van de bedrijfsarts, waarin aan werknemer wordt geadviseerd om terug te gaan van drie dagen per week naar twee dagen per week.

Ondanks het feit dat werknemer slechts twee maanden heeft verzuimd in verband met ziekte, heeft haar werkgever aan het advies van de bedrijfsarts, in combinatie met de gedeeltelijke arbeidsongeschiktheid van werknemer, zwaarwegende consequenties verbonden.

De kantonrechter acht de handelswijze van Veolia in strijd met de strekking van het artikel enerzijds en anderzijds – in een breder perspectief geplaats – in strijd met het in het arbeidsrecht geldende beginsel dat de arbeidsovereenkomst bij ziekte of arbeidsongeschiktheid niet of slechts onder stringente bij wet geformuleerde voorwaarden kan worden beëindigd. Een en ander klemt temeer daar werknemer op het moment dat de adviezen door de bedrijfsarts werden verstrekt, niet de gevolgen die haar werkgever eraan zou verbinden heeft kunnen voorzien. Mogelijk zou dit aanleiding voor haar zijn geweest om een second opinion bij het UWV te vragen. Werknemer heeft namelijk ter zitting uitgelegd dat de ziekteperiode in 2008 in geen enkel verband staat tot haar gedeeltelijke arbeidsongeschiktheid.

De kantonrechter acht de vorderingen van de werknemer toewijsbaar en veroordeelt Veolia om werknemer wederom als buschauffeur te werk te stellen.

Bron: LJN BH 0137
Procedure: Kort geding
Kantonrechtbank Maastricht
Datum: 14-01-2009

Lees meer over:

Over Auteur

De redactie van XpertHR Actueel zorgt er gezamenlijk voor dat u op de hoogte blijft van het laatste P&O-nieuws, de ontwikkelingen in het vakgebied en relevante jurisprudentie.