Afspraak werkuren onduidelijk: bewijs door getuigen

0

Als een medewerker een contract heeft met een minimaal aantal te werken uren, is het belangrijk voor een goede administratie van de daadwerkelijk gewerkte uren te zorgen.

In het onderhavige geval was die administratie niet aanwezig en moesten de uren vastgesteld worden op basis van getuigen die de werknemer hadden zien werken. Een dergelijke methode kan slechts leiden tot een benadering van het aantal echt gewerkte uren.

De situatie

Een eigenaar van een café-restaurant neemt een manager op een tijdelijk contact van 6 maanden in  dienst, met een arbeidsduur van minimaal 4 uur per week.  Er ontstaat onenigheid over een ziekmelding en over het einde van het contract. De manager stelt dat hij veel meer uren heeft gewerkt dan hem zijn uitbetaald, gemiddeld 28,5 uur per week. Er zijn geen urenstaten aanwezig. Het contract is tweemaal verlengd en loopt volgens de kantonrechter van rechtswege af op 31 december 2005.

De vordering

De werknemer eist onder andere betaling van het achterstallige loon.

Het oordeel

De werkgever heeft volgens de rechter de stelling van de werknemer dat hij meer dan 4 uur per week heeft gewerkt voldoende gemotiveerd weersproken. Daarom rust de bewijslast van de meer gewerkte uren nu op de werknemer. De werknemer komt met drie getuigen. Twee getuigen verklaren ze dat ze de werknemer hebben gezien in het café-restaurant op drie dagen per week, van circa 18.00 uur tot middernacht. De derde verklaart dat ze gemiddeld 15 uur per week met de werknemer samenwerkte. De werkgever heeft ook drie getuigen: zijn zus, zichzelf en zijn partner. Zij verklaren alle drie iets anders.

De kantonrechter gaat er van uit dat de werknemer gemiddeld 20 uur per week heeft gewerkt op basis van de verklaring van de partner van de werkgever omdat dat een zogenaamde onverdachte getuige is. De overige getuigen onderbouwen die aanname in meer of mindere mate. De enige afwijkende verklaring is die van de werkgever zelf. De kantonrechter geeft de werknemer de tijd om zijn vordering opnieuw te berekenen en houdt alle overige beslissingen tot die tijd aan.

Bron:LJN BJ4455 en BJ4451
kantonrechter Groningen
Procedure: eerste aanleg – enkelvoudig
Datum: 15 oktober 2008 en 8 juli 2009

Door mr. Ingrid Kooijman

Share on FacebookTweet about this on TwitterShare on LinkedInEmail this to someone
Lees meer over:

Over Auteur

Redactie XpertHR Actueel

De redactie van XpertHR Actueel zorgt er gezamenlijk voor dat jij op de hoogte blijft van het laatste P&O-nieuws, de ontwikkelingen in het vakgebied en relevante jurisprudentie.

Reageer