Maar wat nou als die banen er straks helemaal niet meer zijn?

2

Eeuwenlang hebben we in de westerse wereld gedacht dat ‘werk’ goed is voor de mens, dat het ons identiteit, structuur, zingeving en inkomen oplevert. Maar wat doen we als een groot deel van die banen er straks helemaal niet meer is? Nu robots en algoritmes in noodtempo oprukken, is dat een vraag waar ook HR over na mag denken.

Het einde van ‘werk’ is al vaak aangekondigd, voor het eerst bij de introductie van de stoommachine. In die zin is het al een oude discussie, maar de laatste maanden lijkt er meer aan de hand te zijn. Steeds meer grote denkers komen tot de conclusie dat een groot deel van de banen binnenkort helemaal niet meer bestaat. En wat moeten we dán? Onlangs bijvoorbeeld kwam James Livingston, hoogleraar aan de Rutgers University in New Jersey, met een interessant essay wat prompt tienduizenden keren gedeeld werd op social media, kennelijk omdat het zo tot de verbeelding sprak.

Het einde van werk

Hij schrijft dat werk allesbepalend is voor de westerse mens. Bij een eerste ontmoeting vragen we elkaar al in de eerste minuut ‘wat doe je?’, en iedereen weet wat daarmee bedoeld wordt. Het werk wat we doen definieert wie we zijn en hoe we onszelf zien. En het salaris wat we ermee verdienen, bepaalt onze rang in de maatschappelijke pikorde. Daarnaast geeft werk ons plezier, structuur, zingeving en nog een hele rits mooie dingen.

Maar wat gaan we doen als die banen er binnenkort niet meer zijn? Beide politieke partijen (het is een Amerikaans artikel) zetten in op drie dingen: banen, banen, banen. Maar een heel groot deel van die banen is te slecht betaald om er zonder aanvullende voedselbonnen van te kunnen leven. Bovendien wordt een groot deel ervan binnenkort overgenomen door robots en algoritmes, en niet alleen aan de onderkant van de arbeidsmarkt. Economen aan Oxford voorspellen dat binnen 20 jaar de helft van alle banen (álle banen, ook die waarin gedacht moet worden) verdwenen is. Rise of the Robots is geen science fiction meer, het is inmiddels social science.

Basisinkomen, daginvulling en zingeving

Al deze trends zorgen voor een paar flinke uitdagingen. Op dit moment wordt daar nog weinig over nagedacht, maar het kan niet anders dan dat dat snel zal veranderen.

  1. De eerste uitdaging is financieel-economisch. Hoe gaan mensen aan geld komen als ze geen salaris meer krijgen? Het lijvige essay geeft een eerste aanzetje, en in het Nederlands zouden we dat vertalen met ‘basisinkomen’. Ook in ons land komen steeds meer denkers tot de conclusie dat we linksom of rechtsom uit zullen komen bij een basisinkomen. We kunnen mensen niet blijven pesten met allerlei uitkeringsregels als er feitelijk geen werk meer is. Maar hóe we het gaan introduceren… is een flinke uitdaging.
  2. De tweede uitdaging is de daginvulling: wat gaan we doen met onze tijd? Het essay gaat hier diep op in, ik laat het hier even liggen. Mijn vermoeden is dat er genoeg werk is in Nederland, zij het onbetaald, wat gedaan kan worden: kinderen opvoeden, bibliotheken openhouden, et cetera.
  3. De derde uitdaging is om onszelf opnieuw als individu te definiëren op het moment dat we geen werk meer hebben. In die zin is het verdwijnen van banen niet alleen een financiële, maar ook een sociale en zingevingscrisis. Als we onze waarde als mens eeuwenlang hebben afgemeten aan wat we produceren, wat wordt dan de nieuwe maatstaf?

En een uitdaging voor HR

De Amerikaanse hoogleraar schrijft niet specifiek over HR, maar ook voor ons vakgebied verandert natuurlijk het nodige. Allereerst zal een groot deel van de HR-banen verdwijnen. Daarnaast zal de inhoud van het werk gaan veranderen, al weten we nog niet goed hoe dan precies. Winnares van de HR Top 100 en HR director bij Young Capital Elbrich Batstra is positief en ziet vooral mogelijkheden: ‘Je komt als HR véél dichter bij de mens te staan. Want als alle processen en systemen in algoritmes zijn vervat, dan blijft alleen de mens nog over. Je kunt dus veel meer tijd besteden aan dat wat HR zo’n mooi vak maakt, en wat een computer nooit zal kunnen: mensen in hun kracht zetten en helpen leren. Je kunt mensen helpen zichzelf te ontdekken: wie ben ik, waar liggen mijn talenten en waar wil ik naartoe? Je komt dus steeds dichter bij de mens te staan, en je kunt hem helpen zijn persoonlijke effectiviteit steeds verder te vergroten. Die menselijke chemie kun je nooit in een algoritme stoppen, en dat is het mooie wat voor ons overblijft! Ikzelf ben daar heel erg blij mee, want dat vind ik het allerleukste aan het vak.’

Bron: Aeon

Share on FacebookTweet about this on TwitterShare on LinkedInEmail this to someone
Lees meer over:

Over Auteur

Basti Baroncini

Basti Baroncini schrijft met liefde over alle onderwerpen binnen het HR-vakgebied, maar zijn hart gaat pas écht sneller kloppen wanneer het gaat om strategie en om mensen. Sociale innovatie, duurzame inzetbaarheid, ontwikkeling & onderwijs, verandertrajecten, draagvlak, communicatie en leiderschap zijn voorbeelden van onderwerpen waar hij graag over schrijft.

2 reacties

  1. Interessant artikel. Wij denken hier als in- en uitleenplatform ook al langer over na en denken hiervoor een breed toepasbare oplossing te hebben. Zo gaan wij binnenkort als eerste platform in Nederland over op een nieuwe manier van matchen: het competentiegericht bij elkaar brengen van vraag en aanbod. Nu alleen nog toegankelijk voor werknemers die boventallig zijn geworden; in de toekomst beschikbaar voor ‘alle’ werkzoekenden.

  2. Voor voorlopig lijkt het zo te zijn dat ‘werk’ verdwijnt, dat wil zeggen: er verdwijnen betaalde banen.
    De optimistische mogelijkheid is dat, juist omdat mensen zoeken naar betekenis, betrokkenheid, het gevoel wat te kunnen en er toe te doen, er nieuw (betaald en onbetaald) werk ontstaat. Omdat mensen door de nieuwe contexten op nieuwe ideeën gebracht worden en het vermogen hebben vorm te geven aan hun ideeën.

    Bovenstaand artikel begint met: Eeuwenlang hebben we in de westerse wereld gedacht dat ‘werk’ goed is voor de mens, dat het ons identiteit, structuur, zingeving en inkomen oplevert.
    Maar dat is een cultuuraspect en geen kenmerk van het ‘mensdom’. We hebben mensen vooral de overtuiging aangeleerd dat hard werken goed is voor je. Die overtuiging was handig voor wereld van dat moment (bedrijven, organisaties, politiek). Kijkend naar het aantal burn-outs en andere werkgerelateerde ziektes, mantelzorgvraagstukken etc., is het nog maar de vraag of het zo goed is voor zowel het individu als de samenleving.

    De transitie waarin de wereld nu zit, is dus ook een goed moment om ons opnieuw af te vragen wat een goede manier is om onze samenleving in te richten.

Reageer