Loondoorbetaling bij ziekte oproepkracht: welke referteperiode?

0

Werknemer heeft ruim vier jaar lang als oproepkracht met uitgestelde prestatieplicht gewerkt en kreeg per uur betaald. Zij wordt ziek en vordert loondoorbetaling. In geding is ter zake of een referteperiode moet worden gehanteerd van 52 weken gemiddeld 16 uur gewerkt of van 13 weken gemiddeld 33 uur gewerkt voorafgaand aan de eerste ziektedag.

Bij oproepkrachten is de loondoorbetaling gebaseerd op het brutoloon over de laatste 13 weken gedeeld door 65. Als deze regel tot onredelijke uitkomsten leidt, kan aan cao-partijen worden verzocht een andere referteperiode aan te houden.

Het hof stelt voorop dat het bij de onderhavige cao gaat om uitleg van bepalingen die algemeen verbindend verklaard zijn. Daarbij zijn doorslaggevend de bewoordingen, de schriftelijke toelichting en met name de betekenis die daaruit naar objectieve maatstaven volgt, gelezen in het licht van de gehele tekst van die overeenkomst. Bedoelingen van cao-partijen zijn dat niet. Bij de uitleg kan onder meer acht worden geslagen op de elders in de cao gebruikte formuleringen en op de aannemelijkheid van de rechtsgevolgen waartoe de onderscheiden, op zichzelf mogelijke tekstinterpretaties zouden leiden.

Uitspraak

Het hof oordeelt dat werkgever in deze procedure een beroep mag doen op de langere referteperiode, ook nu dit niet aan cao-partijen is voorgelegd. Voorts acht het hof geen strijdigheden met het wettelijk vermoeden. Beide bepalingen staan toe dat werkgever bewijst dat de 13 weken geen juist beeld geven van de gemiddelde arbeidsomvang. Voor het hanteren van een langere referteperiode moet werkgever met gespecificeerde gegevens aantonen dat sprake is van een situatie waarin de arbeidsinzet van werknemer tijdelijk op haar verzoek was verhoogd.

Bewijs in algemene termen voldoet niet, en ook het feit dat een langere referteperiode tot een lager gemiddelde leidt, is onvoldoende om af te wijken van de hoofdregel van de cao of van het wettelijk vermoeden. Niet is komen vast te staan dat hantering van een referteperiode van 13 weken, de hoofdregel, tot een onredelijke uitkomst leidt. Werknemer wordt in het gelijk gesteld.

Bron: LJN BD2982

Lees meer over:

Over Auteur

Redactie XpertHR Actueel

De redactie van XpertHR Actueel zorgt er gezamenlijk voor dat u op de hoogte blijft van het laatste P&O-nieuws, de ontwikkelingen in het vakgebied en relevante jurisprudentie.

Reageer