Deeltijd-WW is een aflopende zaak

0

De crisismaatregel deeltijd-WW is duidelijk een aflopende zaak aan het worden.

Eind december vorig jaar zaten nog ongeveer 8500 werknemers in de regeling, tegen bijvoorbeeld 40.000 in het voorjaar van 2010.

Het ministerie van Sociale Zaken maakte donderdag de nieuwste cijfers bekend. De deeltijd-WW houdt per 1 juli dit jaar op te bestaan. Tot 7 januari konden bedrijven nog een aanvraag doen voor de crisissteun, waarmee werkgevers wegens de economisch moeilijke tijden hun personeel tijdelijk met WW-geld minder kunnen laten werken.

In december dienden bedrijven nog voor zeshonderd werknemers nieuwe aanvragen in. Terwijl diezelfde maand ongeveer 23.000 mensen uit de deeltijd-WW stroomden.

In totaal hebben sinds de invoering van de regeling op 1 april 2009 tot en met eind december ruim 7800 bedrijven deeltijd-WW aangevraagd voor bij elkaar 76.000 werknemers. Hiervan hebben inmiddels 67.500 personeelsleden de regeling verlaten.

De werking en de kosten van de deeltijd-WW worden nog onderzocht. Naar verwachting is de evaluatie van de regeling eind dit jaar klaar.

Werkgevers en vakbonden zijn altijd zeer te spreken geweest over de regeling, omdat hierdoor onnodige ontslagen voorkomen zouden zijn. Bedrijven die hun vakkrachten niet kwijt wilden, konden dankzij de WW-steun hun werknemers tijdens de crisis vasthouden om weer op volle toeren te kunnen draaien als de vraag weer aantrok.

De PvdA heeft eind vorig jaar bij de behandeling van de begroting Sociale Zaken nog bij minister Henk Kamp gepleit voor een permanente vorm van deeltijd-WW. Maar daar wilde de minister niet aan. Kamp zei dat bij een volgende economische crisis de maatregel om onnodige massaontslagen te voorkomen, dan ‘weer van de plank kan worden gehaald’ als dat nodig is.

Share on FacebookTweet about this on TwitterShare on LinkedInEmail this to someone
Lees meer over:

Over Auteur

Redactie XpertHR Actueel

De redactie van XpertHR Actueel zorgt er gezamenlijk voor dat jij op de hoogte blijft van het laatste P&O-nieuws, de ontwikkelingen in het vakgebied en relevante jurisprudentie.

Reageer