Vuurwerkhobby kost baan

0

Een medewerker van een luchtvaartbedrijf experimenteert in zijn vrije tijd met vuurwerk. En dat kost hem zonder pardon zijn baan.

De situatie
Een 40-jarige ingenieur  die al 21 jaar bij een bedrijf in de lucht- en ruimtevaart werkt, heeft een nieuwe hobby: pyrotechniek en vuurwerk maken. In september 2013 wordt hij door de Koninklijke Marechaussee opgepakt omdat hij een vuurwerkcreatie heeft vastgemaakt aan een hek van de Koninklijke Luchtmacht dat achter zijn huis staat. Het vuurwerk is niet helemaal afgegaan en daarom heeft hij het uit veiligheidsoverwegingen nog even laten hangen. Er komt een strafzaak tegen de ingenieur . En als de werkgever erachter komt wat de ingenieur gedaan heeft, dient hij een verzoek tot ontbinding in.

Bij de rechter
De werkgever verzoekt om ontbinding van de arbeidsovereenkomst vanwege een onherstelbare vertrouwensbreuk. De houding en het gedrag van de werknemer gaan niet samen met zijn werkzaamheden voor de werkgever in de luchtvaartbranche, een branche die erg gevoelig is als het gaat om vuurwerk en explosieven, zegt de werkgever.

De werknemer heeft spijt
De werknemer vindt het ontslagverzoek disproportioneel. Hij betreurt het incident, geeft toe dat hij naïef en onverstandig is geweest en heeft zijn hobby inmiddels afgezworen. Hij zegt ook dat hij nooit kwade bedoelingen heeft gehad. Deze zaak zou gewoon in een goed gesprek uitgepraat moeten kunnen worden.

Toch ontslag
De rechter ziet genoeg veranderingen in de omstandigheden om het ontslagverzoek toe te wijzen. Hiermee gaat hij mee in de stelling van de werkgever die het niet kan uitleggen dat een werknemer die experimenteert met explosieven gewoon kan blijven werken in een bedrijf in deze branche. In de luchtvaart is veiligheid tenslotte een van de belangrijkste voorwaarden. De werknemer, die in zijn functie vliegtuigen repareert, had ook zonder waarschuwing moeten weten dat zijn gedrag niet door de werkgever zou worden geaccepteerd.

Geen tweede kans, wel een vergoeding
De rechter ontbindt de arbeidsovereenkomst per 15 maart 2014. De werknemer krijgt wel een vergoeding mee, gebaseerd op C=0,5. Daarbij heeft de rechter rekening gehouden met het feit dat het gedrag van de werknemer volledig voor zijn eigen rekening komt, maar ook met het 21 jaar lang goed functioneren en het eenzijdige arbeidsverleden van de werknemer.

Gegevens rechtszaak:

ECLI:NL:RBZWB:2014:1314. Datum uitspraak: 24 februari 2014

Lees meer over:

Over Auteur

De redactie van XpertHR Actueel zorgt er gezamenlijk voor dat u op de hoogte blijft van het laatste P&O-nieuws, de ontwikkelingen in het vakgebied en relevante jurisprudentie.