Voorbarig ontslag tijdens eerste twee jaar van ziekte

0

Een gedeeltelijk arbeidsongeschikte werknemer wordt ontslagen tijdens de
eerste twee jaar van zijn ziekte. Volgens de werknemer is het ontslag kennelijk
onredelijk omdat werkgever zich niet als goed werkgever heeft
gedragen.

Werknemer is bij Mercedes-Benz in dienst. Per 10 september 2003 is werknemer 80-100% arbeidsongeschikt. Op 28 juni 2005 is werknemer begonnen met therapeutische bezigheden, welke later op aandringen van werknemer zijn uitgebreid. Op 29 augustus 2005 heeft werkgever werknemer bericht te streven naar beëindiging van de arbeidsovereenkomst zodra werknemer twee jaar arbeidsongeschikt is. Werknemer is sindsdien niet meer bij werkgever teruggekeerd.

De arbeidsovereenkomst is met toestemming van de CWI per 1 december 2006 opgezegd.

Werknemer heeft gesteld dat het hem gegeven ontslag kennelijk onredelijk is. Werkgever heeft zich niet als een goed werkgever gedragen, omdat:

  • werkgever onzorgvuldig heeft gehandeld ten tijde van de aanzegging van het ontslag;

  • werkgever op grond van de wet en het maatschappelijk verkeer niet had mogen overgaan tot ontslag;

  • werkgever geen onderzoek heeft gedaan naar passende arbeid voor werknemer;

  • er geen afweging van wederzijdse belangen heeft plaatsgevonden;

  • er geen redenen voor het ontslag zijn gegeven;

  • en de gevolgen van de opzegging beperkt hadden kunnen worden als werknemer de gelegenheid had gekregen te re-integreren.

Ook zijn de gevolgen van de opzegging voor werknemer te ernstig, aangezien de kansen van werknemer op de arbeidsmarkt verwaarloosbaar zijn, de huidige medische toestand van werknemer (deels) aan het handelen van werkgever is te wijten en er geen vergoeding aan werknemer is betaald.

De kantonrechter wijst de vordering en een schadevergoeding, gebaseerd op de kantonrechtersformule met factor C= 1, toe. Werkgever gaat in hoger beroep.

Het hof stelt voorop dat de arbeidsongeschiktheid van een werknemer gedurende meer dan twee jaar zonder uitzicht op herstel in beginsel een redelijke grond vormt voor opzegging van de arbeidsovereenkomst. Een ontslag na een dergelijke periode van arbeidsongeschiktheid brengt niet zonder meer mee dat een vergoeding moet worden aangeboden. Werknemer heeft echter altijd zonder problemen bij werkgever gewerkt.

Deze omstandigheden gezien tegen de achtergrond dat werknemer vanwege zijn psychische gesteldheid met de nodige voorkomendheid benaderd diende te worden, maakt dat het onzorgvuldig is van werkgever om tijdens een goedlopend herstel diens ontslag wegens ziekte aan te kondigen. Werkgever had het verdere verloop van het zich goed ontwikkelende herstel van werknemer moeten afwachten alvorens stappen tot ontslagverlening aan te kondigen. Door dat niet te doen heeft werkgever zich niet als een goed werkgever gedragen.

Daar komt bij dat niet is gebleken dat werkgever enige stap tot re-integratie van werknemer heeft gezet. Dit mag wel worden verwacht van de werkgever omdat de werknemer had aangegeven werkzaamheden te kunnen verrichten. Hieraan doet niet af dat werknemer heeft verklaard contacten met werkgever tijdens zijn ziekte niet op prijs te stellen. Werknemer had gelet op zijn leeftijd en ziekte onmiskenbaar belang bij het behoud van zijn dienstverband, terwijl het belang van werkgever beperkt is.

Het hof is van oordeel dat werkgever in redelijkheid niet tot ontslagverlening mogen komen. Het ontslag is kennelijk onredelijk en het vonnis van de kantonrechter wordt bekrachtigd.

Bron: JAR 2008/275
Gerechtshof Arnhem
Datum: 02-09-2008

Share on FacebookTweet about this on TwitterShare on LinkedInEmail this to someone
Lees meer over:

Over Auteur

Redactie XpertHR Actueel

De redactie van XpertHR Actueel zorgt er gezamenlijk voor dat jij op de hoogte blijft van het laatste P&O-nieuws, de ontwikkelingen in het vakgebied en relevante jurisprudentie.

Reageer