Vaststellingsovereenkomst na ontslag onder druk rechtsgeldig

0

Een chauffeur die zich op nietigheid van een vaststellingsovereenkomst beroept omdat hij die onder druk heeft moeten tekenen, was volgens de rechter meer uit op het alsnog krijgen van een ontslagvergoeding dan op herstel van de arbeidsrelatie.

De situatie

Een chauffeur wordt op 24 augustus 2011 op staande voet ontslagen omdat hij weigert voor de derde keer in een week tijd tot ’s avonds laat te werken. Werkgever bevestigt het ontslag in een brief. Maar in een gesprek dat daarna volgt ondertekent de werknemer een vaststellingsovereenkomst waarin staat dat de arbeidsovereenkomst op 1 november 2011 op initiatief van de werkgever eindigt vanwege een verschil van inzicht over de wijze van functievervulling. De chauffeur werkt ook nog door tot die datum.
Bijna anderhalve maand na ondertekening, op 13 oktober 2011, komt de werknemer terug op de vaststellingsovereenkomst. Hij beroept zich op vernietigbaarheid van de overeenkomst omdat de werkgever misbruik heeft gemaakt van de omstandigheden.

Bij de rechter

De werknemer stapt naar de rechter. Hij wil een verklaring voor recht dat de vaststellingsovereenkomst tot stand is gekomen door misbruik van de omstandigheden en hij vraagt om een schadevergoeding van iets meer dan 9.000 euro.

Het oordeel
De rechter stelt vast dat het hier de vraag is of de vaststellingsovereenkomst rechtsgeldig is.
Volgens de wet is een rechtshandeling vernietigbaar als die door misbruik van de omstandigheden tot stand is gekomen.

Wanneer is er sprake van misbruik van omstandigheden?
Een werkgever maakt misbruik van de omstandigheden als hij eigenlijk wel weet dat hij de werknemer moet weerhouden van het ondertekenen van een overeenkomst, bijvoorbeeld omdat de werknemer in een afhankelijke situatie zit of onervaren of onbekend is met de juridische kanten van de zaak, en de werkgever toch een beetje doordrukt.

Geen misbruik van omstandigheden: werknemer stond niet onder druk
In dit geval vond de rechter dat de werkgever geen misbruik van de situatie heeft gemaakt. Dat de werknemer geen ervaring had met vaststellingsovereenkomsten, wil nog niet zeggen dat de werkgever de omstandigheden misbruikt heeft. De afweging om wel of niet te tekenen moest de werknemer zelf maken, hij was er niet toe verplicht. De werknemer heeft ook niet om bedenktijd gevraagd en heeft niet hard gemaakt dat hij onder druk is gezet.

Werknemer wilde ontslagvergoeding
De rechter overweegt dat de werknemer pas laat, na ruim anderhalve maand, voor het eerst heeft geprotesteerd tegen de totstandkoming van de vaststellingsovereenkomst. En voor die tijd heeft hij ook niet aangegeven dat hij het ontslag op staande voet onterecht vond. De rechter vindt dat de wens om de overeenkomst te vernietigen eerder lijkt ingegeven door de wens om een ontslagvergoeding te krijgen dan door bezwaar tegen het einde van het dienstverband. De rechter wijst de vordering van de werknemer daarom ook af.

Gegevens rechtszaak: ECLI:NL:RBNNE:2013:5887
Datum uitspraak: 1 oktober 2013

Lees meer over:

Over Auteur

Mr. Ingrid Kooijman is auteur bij XpertHR. Voor XpertHR Actueel houdt ze de jurisprudentie scherp in de gaten. Ze schrijft over arbeidsrecht, HRM en projectmanagement.