Unieke functie: geen fulltime ouderschapsverlof

1

Een werkneemster in een hoge, uniek functie mag niet zes maanden volledig ouderschapsverlof opnemen. Het doel van de Wet arbeid en zorg is het faciliteren van de combinatie van arbeid en zorg. De rechter laat hier het werkgeversbelang zwaar meewegen.

De situatie

Een hoofd Sales, Promotions & Communications wil vanaf 1 februari 2011 zes maanden volledig met ouderschapsverlof. De werkgever wijst haar verzoek af omdat hij de werkneemster niet kan missen vanwege de omstandigheden op de markt, de toenemende concurrentie, de verwachte groei in 2011 en de vereiste continuïteit in het beleid.

De vordering

De werkneemster vraagt de rechter in een kort geding om de werkgever te veroordelen tot het verlenen van het gevraagde verlof.

Het verweer

De werkgever zegt dat een zwaarwegend bedrijfsbelang zich verzet tegen het opnemen van zes maanden volledig ouderschapsverlof. Door de afwezigheid van de werkneemster met haar specialistische functie zal de omzet drastisch verminderen. Collega’s kunnen haar werkzaamheden niet overnemen en het tijdelijk inschakelen van een vervanger is ook niet mogelijk.

Het oordeel

De Wet arbeid en zorg gaat uit van een zorgverlof voor de helft van de arbeidsduur per week. De bedoeling van de wetgever was om de combinatie van arbeid en zorg mogelijk te maken. Dat wil niet zeggen dat fulltime verlof niet mogelijk, is maar bij deze meest vertrekkende vorm van ouderschapsverlof komt het bedrijfsbelang eerder in de knel, overweegt de rechter.
De werkgever heeft duidelijk gemaakt dat het hier om een uniek functie gaat. Daarbij is volledige afwezigheid een groter probleem dan bij een eenvoudig uit te wisselen functie.
De werkneemster heeft met onder andere een analyse van haar werkzaamheden geprobeerd aan te tonen dat ze in die zes maanden wel gemist kan worden, maar de rechter vindt haar onderbouwing niet aannemelijk. Gezien de hoogte van haar salaris is het niet erg geloofwaardig dat haar functie bijvoorbeeld in de helft van de tijd kan worden uitgevoerd of door collega’s ‘erbij’ gedaan kan worden.
De werkneemster heeft tegenover de bewering van de werkgever dat hij geen vervanger kan vinden, geen concrete zaken aangedragen. De rechter gaat daarom uit van de onmogelijkheid van vervanging.
Het feit dat de werkgever kort geleden de werkneemster nog een andere functie heeft aangeboden, wil ook niet zeggen dat ze zes maanden gemist kan worden.
Dat een eenmaal verloren marktaandeel niet gemakkelijk terug te winnen is, is ook niet bestreden. De aangevoerde daling van de omzet is koffiedik kijken, dus dat laat de rechter buiten beschouwing. Maar de rechter vindt het wel reëel dat de werkgever risicomijdend handelt.
Tot slot neemt de rechter nog de mogelijke precedent werking van het toekennen van zes maanden fulltime ouderschapsverlof mee in de overweging, en komt tot de slotsom dat het bedrijfsbelang zich verzet tegen het fulltime ouderschapsverlof.

JAR 2011/58
Kantonrechter Amsterdam
Ouderschapsverlof en bedrijfsbelang
Kort geding
30 november 2010

Door mr. Ingrid Kooijman »

Lees meer over:

Over Auteur

De redactie van XpertHR Actueel zorgt er gezamenlijk voor dat u op de hoogte blijft van het laatste P&O-nieuws, de ontwikkelingen in het vakgebied en relevante jurisprudentie.

1 reactie

  1. mama ooit P&O-er op

    Begrijpelijk maar mijns inziens hebben wergever en werknemer verzuimd om met elkaar te communiceren ruim voordat het verlof is ingegaan. Als er vanaf dag 1 een mederwerker werd aangesteld die met deze zwangere medewerkster meeliep en door haar kon worden ingezet tijdens haar verlof dan moet het kunnen, niemand is onmisbaar. Wat had de werkgever gedaa. als deze werkneemster bevallingsklachten had gehad aansluitend aan haar verlof en ze niet eens kon beginnen met werken? Dan is er altijd wel een oplossing, desnoods komt er iemand een paar uurtjes per week naar je huis maar niemand is onmisbaar!