Toepassing sociaal plan leidt tot onbillijke uitkomst

0

Werknemer wordt bij een reorganisatie ontslagen. De werknemer stelt dat
het sociaal plan niet geldig is, aangezien het niet met een representatieve
vakbond is overeengekomen.

Werknemer is sinds 12 november 1990 werkzaam bij Take off Multitronics (Schiphol) B.V. als medewerker manager logistics. Werkgever heeft om bedrijfseconomische/-organisatorische redenen een reorganisatie doorgevoerd en in verband daarmee CWI toestemming verzocht de arbeidsovereenkomst met 17 werknemers, waaronder werknemer, op te zeggen. CWI heeft deze toestemming verleend, waarna werkgever de arbeidsovereenkomst met werknemer heeft opgezegd tegen 31 oktober 2006.

Werknemer vordert een verklaring voor recht dat het hem gegeven ontslag kennelijk onredelijk is, althans in strijd met goed werkgeverschap, alsmede een ontslagvergoeding van € 42.529,65 bruto. Werkgever zou kennelijk onredelijk hebben gehandeld door onder meer een onjuiste selectiemethode voor ontslag te hanteren. Verder stelt werknemer dat het sociaal plan niet geldig is, aangezien het niet met een representatieve vakbond is overeengekomen, namelijk FNV Bondgenoten. De kantonrechter wijst de vorderingen af.

Het hof oordeelt in hoger beroep dat werkgever geen verkeerde selectiemethode voor ontslag heeft gehanteerd. Verder oordeelt het hof dat FNV Bondgenoten een te goeder naam en faam bekend staande vakorganisatie is, die geacht kan worden de belangen van de betrokken werknemers op een behoorlijke wijze te behartigen.

Het hof is echter wel van mening dat toepassing van het sociaal plan in het onderhavige geval leidt tot een evident onbillijke uitkomst. De in het sociaal plan aangeboden vergoeding (ongeveer c=0,16) komt – met het oog op het langdurige dienstverband (16 jaar) en de leeftijd van werknemer (41 jaar) – onvoldoende tegemoet aan de nadelige gevolgen van de opzegging.

Werkgever heeft niet gesteld dat de financiële positie ten tijde van het einde van de arbeidsovereenkomst dermate zorgelijk was, dat dit aan toekenning van een hogere vergoeding in de weg stond. Bij het bepalen van de hoogte van de schadevergoeding houdt het hof rekening met het feit dat de kansen van werknemer op de arbeidsmarkt weliswaar niet bijzonder gunstig, maar ook niet al te somber waren. Daarnaast hecht het hof waarde aan het feit dat werknemer er blijkbaar zelf voor gekozen heeft geen gebruik te maken van het aangeboden outplacementtraject. Dit moet voor zijn rekening blijven.

Het hof vernietigt het vonnis van de kantonrechter, verklaart voor recht dat het gegeven ontslag kennelijk onredelijk is en veroordeelt werkgever een schadevergoeding te voldoen ten bedrage van € 6.500,- bruto, naast de al op grond van het sociaal plan ontvangen vergoeding.

Bron: LJN BF1793
Gerechtshof Amsterdam
Datum: 05-06-2008

Share on FacebookTweet about this on TwitterShare on LinkedInEmail this to someone
Lees meer over:

Over Auteur

Redactie XpertHR Actueel

De redactie van XpertHR Actueel zorgt er gezamenlijk voor dat jij op de hoogte blijft van het laatste P&O-nieuws, de ontwikkelingen in het vakgebied en relevante jurisprudentie.

Reageer