Ontslag op staande voet

0

Een werkgever kan een werknemer alleen op staande voet ontslaan als er een dringende reden is. In tegenstelling tot een normaal ontslag heeft de werkgever geen toestemming van het CWI of de kantonrechter nodig.

Bij ontslag op staande voet wordt de dienstbetrekking met onmiddellijke ingang beëindigd. Er geldt dus geen opzegtermijn. De werkgever moet de reden van ontslag (vrijwel) meteen aan de werknemer meedelen, schriftelijk of mondeling.

De werknemer kan binnen zes maanden na het ingaan van het ontslag naar de rechter stappen en een schadevergoeding eisen. Ook kan hij eisen dat de arbeidsovereenkomst hersteld wordt en het loon wordt doorbetaald. De werkgever kan zich hiertegen verweren door de arbeidsovereenkomst voorwaardelijk te laten ontbinden door de kantonrechter of een ontslagvergunning ‘voor zover vereist’ bij het UWV WERKbedrijf vaan te vragen.

Dringende redenen

Dringende redenen worden in het Burgerlijk Wetboek omschreven als daden, eigenschappen of gedragingen van de werknemer, waardoor van de werkgever redelijkerwijs niet kan worden gevraagd de arbeidsovereenkomst voort te laten duren.

De volgende redenen worden genoemd:

  • de werknemer misleidt de werkgever bij het sluiten van de arbeidsovereenkomst door het laten zien van valse getuigschriften of hij geeft valse inlichtingen over de manier waarop zijn vorige werkverband is gestopt;
  • bij de werknemer ontbreekt in ernstige mate de geschiktheid of bekwaamheid voor de functie;
  • ondanks waarschuwingen is de werknemer dronken in werktijd of blijft hij zich misdragen;
  • de werknemer verliest door diefstal, verduistering, bedrog of andere misdrijven het vertrouwen van de werkgever;
  • de werknemer mishandelt of uit grove beledigingen of bedreigingen aan het adres van zijn collega’s, werkgever of diens familie;
  • de werknemer verleidt ( of probeert ze te verleiden) collega’s, werkgever of diens familieleden tot handelingen die strafbaar of onzedelijk zijn;
  • de werknemer beschadigt opzettelijk, of ondanks waarschuwing, roekeloos eigendommen van de werknemer of brengt ze ernstig in gevaar;
  • de werknemer maakt bijzonderheden bekend over de huishouding of het bedrijf van de werkgever die hij geheim had moeten houden;
  • de werknemer weigert hardnekkig te voeldoen aan redelijke bevelen op opdrachten van de werkgever;
  • de werknemer veronachtzaamt op andere wijze grovelijk de plichten die voortvloeien uit de arbeidsovereenkomst;
  • de werknemer raakt (of blijft) opzettelijk of door roekeloosheid buiten staat om werk te verrichten.

Deze lijst is niet uitputtend. Ook redenen die niet in de wet staan, kunnen leiden tot ontslag op staande voet.

Voorwaarden

Ontslag op staande voet is een zeer zware sanctie. Daarom moet er een objectief dringende reden zijn voor het ontslag en de andere partij moet deze reden ook als subjectief dringend ervaren.

Een goede, objectief dringende reden is een reden die elke werkgever tot ontslag op staande voet zou doen overgaan. Bij een subjectief dringende reden wordt van de werkgever verwacht dat hij naar de persoonlijke omstandigheden van de werknemer kijkt. Mocht de werknemer een keurig arbeidsverleden hebben, zijn ongepast gedrag als een donderslag bij heldere hemel komen en valt de overtreding relatie mee, dan kan ontslag op staande voet een te zware straf zijn.

Andere zaken die mee kunnen spelen bij het wel of niet geven van ontslag op staande voet zijn:

  • de verantwoordelijkheid van de werknemer in die functie;
  • de thuissituatie;
  • de gezondheidstoestand van de werknemer;
  • opleiding en leeftijd.

Mededeling aan werknemer

De werkgever heeft enige bedenktijd voor het meedelen van het ontslag, nadat de situatie van het ontslag zich heeft voorgedaan, van enkele uren tot enkele dagen. De bedenktijd wordt zo kort mogelijk gehouden omdat het gaat om een ernstige situatie waarin de werknemer niet langer meer kan blijven werken.

Verweer van werknemer

Binnen zes maanden na het ontslag kan de werknemer verweer aantekenen tegen deze maatregel. Daarbij heeft hij twee mogelijkheden:

  • de werknemer zegt dat er geen dringende reden is aan te wijzen voor het ontslag op staande voet en dient bij de rechter een eis tot schadevergoeding in. In principe geeft hij hiermee aan zich neer te leggen bij het ontslag en niet meer voor de werkgeer te willen werken.
  • hij beroept zich op het niet aanwezig zijn van een ontslagvergunning, ofwel de vernietigbaarheid van het ontslag, en eist bij de rechter doorbetaling van zijn loon met de bijbehorende wettelijke verhoging en rente.

Wanneer de werkgever wordt geconfronteerd met een door de werknemer gestarte procedure om het ontslag nietig te laten verklaren, kan hij de arbeidsovereenkomst zo snel mogelijk stopzetten. De werkgever kan de arbeidsovereenkomst voorwaardelijk laten ontbinden door de kantonrechter of een ontslagvergunning ‘voor zover vereist’ aanvragen bij het UWV WERKbedrijf.

Lees meer over:

Over Auteur

De redactie van XpertHR Actueel zorgt er gezamenlijk voor dat u op de hoogte blijft van het laatste P&O-nieuws, de ontwikkelingen in het vakgebied en relevante jurisprudentie.