Geen toestemming UWV voor ontslag banenpooler

0

Een werknemer die als banenpooler in dienst was bij een stichting mocht zonder toestemming van het UWV ontslagen worden, omdat de gemeente het ontslagbeleid van de stichting bepaalde.

De situatie

Een werknemer was vanaf 1993 als banenpooler in dienst van een stichting die langdurig werklozen aan een (gesubsidieerde) baan helpt. Tot mei 2008 was de werknemer gedetacheerd bij volkshuisvesting van de gemeente Nijmegen. Daarna was hij tot november 2008 gedetacheerd bij stichting die amateurmuziek promoot. Na deze detachering zegt de werkgever de arbeidsovereenkomst met de werknemer op tegen 1 april 2009. Vanaf januari 2009 heeft de werknemer een jaar lang tijdelijke banen gehad. Daarna ontving hij een WW-uitkering.

De vordering

De werknemer vordert nu een verklaring voor recht dat de arbeidsovereenkomst nog steeds bestaat. De opzegging van de arbeidsovereenkomst is vernietigbaar omdat toestemming van het UWV ontbrak. Hij wil dat zijn salaris wordt doorbetaald. Subsidiair vordert hij een schadevergoeding van € 35.800,- wegens kennelijk onredelijke opzegging.

Het verweer

De werkgever meent dat er geen ontslagvergunning van het UWV nodig was. Daarnaast waren de gevolgen van de opzegging voor de werknemer niet te ernstig in vergelijking met het belang van de werkgever.

Het oordeel

De kantonrechter stelt de werkgever in het gelijk en wijst de vorderingen af. De werknemer had een arbeidsovereenkomst met de stichting in het kader van de Rijksbijdrageregeling banenpools. Formeel gezien is de stichting de werkgever en niet de gemeente. Maar omdat de stichting zo nauw verbonden is met de gemeente, moet worden aangenomen dat het ontslagbeleid vastgesteld is door de gemeente. Daarom was er geen toestemming aan het UWV nodig voor de opzegging (art. 2 lid 1 a BBA). De verbondenheid tussen de gemeente en de stichting blijkt onder meer uit het briefpapier, het adres, de financiering door de gemeente en een wethouder die tevens de stichting voorzit.

De opzegging is ook niet kennelijk onredelijk. De gevolgen voor de werknemer zijn niet te ernstig. De werknemer wilde niet langer op de plek werken waar hij als laatst gedetacheerd was en diverse pogingen van de werkgever om hem ergens anders te plaatsen liepen op niets uit. De werknemer heeft vervolgens een jaar lang op de reguliere arbeidsmarkt gewerkt, weliswaar op tijdelijke contracten, maar de werkervaring die hij bij de stichting heeft opgedaan, heeft hem kennelijk in staat gesteld om op de gewone arbeidsmarkt te functioneren.

Daarnaast heeft de werkgever een lange opzegtermijn in acht genomen en heeft de werknemer vier maanden dubbel loon ontvangen toen zijn overeenkomst nog niet was geëindigd en hij wel al elders aan het werk was. De conclusie is dat de werkgever niet in strijd heeft gehandeld met goed werkgeverschap.

LJN BM9734
Kantonrechter Nijmegen
Ontslagvergunning UWV
Eerste aanleg
18 juni 2010

Door mr. Ingrid Kooijman
 

Share on FacebookTweet about this on TwitterShare on LinkedInEmail this to someone
Lees meer over:

Over Auteur

Redactie XpertHR Actueel

De redactie van XpertHR Actueel zorgt er gezamenlijk voor dat jij op de hoogte blijft van het laatste P&O-nieuws, de ontwikkelingen in het vakgebied en relevante jurisprudentie.

Reageer