Doorsnee commissaris weinig in de melk te brokkelen

0

Een gewone commissaris heeft veel minder invloed op een onderneming dat wordt aangenomen, blijkt uit onderzoek.

Het Financieel Dagblad schrijft dat de reguliere commissaris in de pikorde van een bedrijf  nog onder de leden van de raad van bestuur staat. Dit is de conclusie van drie wetenschappers van de Rijksuniversiteit Groningen.

Zij interviewden 92 bestuurders van twaalf bedrijven uit de financiële sector, de zorg, onderwijs en de woningbouw. De hamvraag was hoe het met de onderlinge verhoudingen was gesteld.

Meeste invloed
Uit het onderzoek blijkt dat de voorzitter van de raad van commissarissen de meeste invloed heeft, gevolgd door de bestuursvoorzitter. Op de derde plaats staan de bestuurders. De reguliere commissarissen sluiten de rij.
De rol van en het vertrouwen in de president-commissaris is opmerkelijk, zegt onderzoeker Jaap van Manen in een interview met het FD: “Op het moment dat hij de witte jas aantrekt, heeft de persoon het gezag van de dokter. Of in dit geval van de president-commissaris,” Factoren als sekse, curriculum of nevenfuncties lijken voor de invloed van de president-commissaris niet of nauwelijks uit te maken.

Wat te doen met de commissaris
De vraag is hoe een commissaris meer invloed kan krijgen. Volgens collega-onderzoeker Dennis Veltrop in het FD moeten zij meer betrokken worden bij het bespreken van de strategie en het bepalen van de agenda. De onderzoekers bevelen bedrijven bovendien aan goed na te denken over de invloed van de president-commissaris. Hij kan ervoor zorgen dat de rol van reguliere commissarissen niet marginaliseert.

Vertrouwen
Uit het onderzoek komt naar voren dat commissarissen die er meer commissariaten op na houden, lastiger te beïnvloeden en minder snel inschikken. Zodra een commissaris echter meer nevenfuncties heeft, dan lijkt de beïnvloedbaarheid toe te nemen, volgens de ondervraagde bestuurders. Commissarissen die bij een ander bedrijf een hoofdfunctie hebben, worden ook minder vertrouwd.

Spanning
Uit deze enquête onder bestuurders blijkt dat de kans op conflicten met bestuurders en andere commissarissen stijgt naarmate de aanstellingsduur toeneemt, aldus het FD. Vooral het onderlinge vertrouwen onder gewone bestuurders en commissarissen is minder; tussen hen is de meeste spanning waar te nemen. Onderzoeker Van Manen: “Bestuurders hebben ten opzichte van de ceo verhoudingsgewijs weinig contact met de commissarissen. Zij worden zo nu en dan aangesproken, en dan vaak op een expertiseterrein van een commissaris. Dat zijn dan vaak lastige gesprekken.” 

 

Lees meer over:

Over Auteur

De redactie van XpertHR Actueel zorgt er gezamenlijk voor dat u op de hoogte blijft van het laatste P&O-nieuws, de ontwikkelingen in het vakgebied en relevante jurisprudentie.