Baanloos herstel

0

Door de crisis zijn werkgevers erachter gekomen dat een deel van hun personeelsbestand ‘economisch waardeloos’ is.

In Nederland voorspelt het UWV voor 2011 een groei van het aantal banen met 30.000. Echter, er ontstaan in 2011 bijna 1 miljoen vacatures. Ouderen die met pensioen gaan en werknemers die een andere baan vinden, moeten vervangen worden. Dit lijkt enigszins op het baanloze herstel waarover Michael Schrage, professor aan het gerenommeerde MIT, schrijft.
Hij is echter van mening dat werkgevers geen nieuwe medewerkers aannemen omdat zij, na het ontslaan van medewerkers de afgelopen twee jaar, hebben bemerkt dat zij het werk met hun huidige personeelsbestand aankunnen door groeiende productiviteit. “Sommige medewerkers blijken economisch waardeloos”.

Organisaties zoeken naar alternatieve manieren om de productiviteit te verhogen en om waarde toe te voegen. Het doel van werkgevers is daarbij niet om het aantal medewerkers te beperken. Het optimaliseren van de productiviteit, de waarde van het huidige personeelsbestand, is dat wel. Dat kan bijvoorbeeld door het vertrekken van iPhones of blackberries aan medewerkers, waardoor ze ook onderweg (en thuis) productief zijn.

Een andere oplossing is het doorvoeren van technologische innovaties. Selfservice-systemen bijvoorbeeld. Poortjes in supermarkten die de boodschappen scannen en afrekenen. Inchecken in een hotel, het huren van een auto. Kan allemaal al zonder de tussenkomst van personeel.

Werkgevers kijken kritisch naar vacatures. Zeker nu economische vooruitzichten (nog) onzeker zijn. Er wordt eerder dan enkele jaren terug naar alternatieven gekeken. Voorlopig lijkt er dus sprake van baanloos herstel.  

Lees meer over de visie van Michael Schrage »

Meer Mediascan »

Share on FacebookTweet about this on TwitterShare on LinkedInEmail this to someone
Lees meer over:

Over Auteur

Redactie XpertHR Actueel

De redactie van XpertHR Actueel zorgt er gezamenlijk voor dat jij op de hoogte blijft van het laatste P&O-nieuws, de ontwikkelingen in het vakgebied en relevante jurisprudentie.

Reageer