Tegemoetkoming loonkosten speur- en ontwikkelingswerk

0

Dankzij de Wet Bevordering Speur- en Ontwikkelingswerk (WBSO) kunnen ondernemers en zelfstandigen een tegemoetkoming krijgen in de loonkosten van medewerkers die speur- en ontwikkelingswerk (S&O) verrichten.

In de praktijk betekent dit dat ondernemingen minder loonheffing hoeven af te dragen. Zelfstandigen krijgen een extra zelfstandigenaftrek voor speur- en ontwikkelingswerk. Om in aanmerking te komen moet bij Agentschap NL een S&O-verklaring worden aangevraagd.

Omschrijving
Doel van de WBSO is het bevorderen van speur- en ontwikkelingswerk (S&O) in het bedrijfsleven door een fiscale stimulering. Deze tegemoetkoming wordt op de volgende manieren geregeld:

  • een vermindering in de afdracht loonbelasting en premies voor de volksverzekeringen. Deze afdrachtvermindering kan worden toegepast door werkgevers voor iedere werknemer in loondienst die S&O-werk verricht, waarover Agentschap NL een S&O-verklaring heeft afgegeven; 
  • in specifieke gevallen mogen uren die door stagiaires zijn besteed aan S&O-werk worden meegenomen bij de berekening van de S&O-afdrachtvermindering; 
  • een verhoging van de zelfstandigenaftrek. Deze voorziening is bestemd voor zelfstandige ondernemers die zelf S&O-werk verrichten waarover Agentschap NL een S&O-verklaring heeft afgegeven.

Projecten moeten zijn gericht op iets dat in technische zin nieuw is voor de aanvrager (bijv. de ontwikkeling van (onderdelen van) technisch nieuwe fysieke producten, productieprocessen of programmatuur). Om te bepalen of er inderdaad sprake is van technische nieuwheid, moet de aanvrager duidelijk aangeven wat het technische probleem is, wat de gekozen en/of te onderzoeken oplossingsrichting is en waaruit de technische onzekerheid bestaat.

Onder S&O-werkzaamheden worden verstaan:

  • technisch wetenschappelijke onderzoeksprojecten:
    de aanvrager genereert zelf theoretische of praktische kennis en zoekt een verklaring voor een verschijnsel die niet is te geven op basis van algemeen toegankelijke kennis; 
  • ontwikkelingsprojecten:
    projecten gericht op het tot stand brengen van fysieke producten, fysieke productieprocessen, programmatuur, of onderdelen hiervan, die in technisch opzicht nieuw zijn voor de aanvrager. Een ontwikkelingsproject wordt gekenmerkt door technische onzekerheden en is systematisch georganiseerd. Het ontwikkelingswerk eindigt zodra de werking is aangetoond door een prototype of model zonder gebruikerswaarde; 
  • analyse van technische haalbaarheid:
    onderzoeken naar technische haalbaarheid verhogen de kans op een succesvolle inpassing van nieuwe technologie in bestaande (productie)processen. Het moet hier gaan om een systematisch opgezette analyse van de technische mogelijkheden van eigen S&O-werkzaamheden. De analyse moet een antwoord geven op de vraag of de aanvrager zelf een S&O-project kan uitvoeren. Bij een technische analyse spelen economische en financiële aspecten een marginale rol. Analyses die voor een belangrijk deel betrekking hebben op economische en/of financiële haalbaarheid komen daarom niet in aanmerking voor subsidie; 
  • technisch onderzoek:
    niet-routinematig procesgericht onderzoek dat betrekking heeft op een fysiek productieproces of op programmatuur (software) en dat leidt substantiële verbetering. Het moet gaan om:

    • een substantiële wijziging van een productiemethode dat leidt tot een significante verbetering van het fysieke productieproces dat op dat moment wordt toegepast in de onderneming van de aanvrager; of
    • modellering van processen dat leidt tot een significante verbetering van de programmatuur die al wordt toegepast in de onderneming van de aanvrager.

In een afbakeningsregeling is expliciet opgenomen welke activiteiten niet tot S&O-werk worden gerekend, bijvoorbeeld organisatorische en administratieve werkzaamheden, onderhoud van programmatuur en het bouwen van prototypes met een productieve of commerciële betekenis.

De afdrachtvermindering S&O is bestemd voor:

  • Ondernemers:
    Dit zijn ondernemers die inhoudingsplichtig zijn voor de loonbelasting en premie volksverzekeringen en 1 of meer van hun medewerkers S&O-werk laten verrichten; 
  • Niet-ondernemers:
    Deze komen alleen in aanmerking voorzover zij werknemers S&O-werk laten verrichten in opdracht van én voor rekening van een onderneming, een samenwerkingsverband van ondernemingen of een product- of bedrijfsschap. Een ondernemer die deel uitmaakt van een fiscale eenheid en voor S&O-werk werknemers ter beschikking stelt aan een onderneming binnen die fiscale eenheid, kan voor de loonkosten van die werknemer zelf een aanvraag voor een S&O-verklaring indienen; 
  • Zelfstandigen:
    Dit zijn zelfstandigen die een onderneming drijven en zelf S&O-werk verrichten. Het is mogelijk dat een onderneming wordt gedreven in de vorm van een vof of eenmanszaak, waarbij de ondernemer echter ook personeel in dienst heeft. In die gevallen kan de zelfstandige zowel in aanmerking komen voor de aftrek van de loonbelasting (voor het personeel), als voor de zelfstandigenaftrek (voor eigen S&O-werk).

Startende bedrijven
Voor startende bedrijven gelden extra hoge bedragen. Dit geldt voor ondernemers die in de afgelopen 5 jaar maximaal 4 jaar personeel in dienst hadden en voor zelfstandigen die in de afgelopen 5 jaar maximaal 4 jaar ondernemer waren. Een onderneming kan maximaal 3 jaar als starter worden aangemerkt. In alle gevallen geldt dat het niet om een aaneengesloten periode hoeft te gaan.

Doelgroep
In Nederland gevestigde ondernemingen, zzp’ers en organisaties die S&O-werk verrichten in opdracht van een onderneming (bijv. een onderzoeksinstelling die contractresearch verricht).

Regio
Nederland, Europa.
S&O-werkzaamheden mogen behalve in Nederland ook in de andere EU-lidstaten worden uitgevoerd. Voorwaarde is wel dat de werkgever in Nederland is gevestigd en dat de werkzaamheden worden uitgevoerd door werknemers waarvoor in Nederland loonheffing wordt ingehouden.

Voorwaarden
Bij de aanvraag gelden de volgende voorwaarden:

  • de S&O-werkzaamheden moeten door de aanvrager zelf worden georganiseerd en uitgevoerd binnen de eigen onderneming (het mag ook gaan om projecten uitgevoerd in opdracht van een derde); 
  • de S&O-werkzaamheden moeten projectmatig of programmatisch worden uitgevoerd; 
  • de S&O-werkzaamheden moeten in Nederland of een andere EU-lidstaat worden verricht; 
  • als de aanvrager een belastingplichtige is die recht heeft op zelfstandigenaftrek, dan moet de aanvrager in een kalenderjaar ten minste 500 uur besteden aan S&O-werkzaamheden; 
  • voor starters geldt de aanvullende voorwaarde dat ze in de voorgaande 5 jaar minimaal 1 jaar geen eigen onderneming gehad mogen hebben en in die periode voor niet meer dan 2 jaar een S&O-verklaring mogen hebben gekregen. Als het gaat om voortzetting van S&O-activiteiten die voorheen werden uitgevoerd door een verbonden vennootschap of door iemand die nu een aanmerkelijk belang heeft, dan moeten de S&O-verklaringen die aan hen zijn afgegeven, worden meegeteld.

Bijdrage
De S&O-afdrachtvermindering in 2011 bedraagt 50% over de eerste 220.000 euro van de totale S&O-loonsom per kalenderjaar en 18% van de resterende S&O-loonsom. Voor starters bedraagt het percentage 64% over de eerste 220.000 euro en 18% van de resterende S&O-loonsom. De bijdrage per onderneming, dan wel per fiscale eenheid, is maximaal 14 miljoen euro per jaar.

De aftrek voor zelfstandigen bedraagt 12.104 euro per jaar. Voor starters is een extra aftrek mogelijk van 6.054 euro. Als starter geldt een ondernemer die in 1 of meer van de 5 voorgaande kalenderjaren geen ondernemer was en bij hem in die periode niet meer dan tweemaal de S&O-verklaring is toegepast.
Sinds 2009 hoeft de aanvrager niet meer zelf het S&O-uurloon te berekenen, maar doet Agentschap NL dat.

Let op:
In 2012 zal de S&O-afdrachtvermindering minder hoog zijn dan in 2011. De S&O-afdrachtvermindering in 2012 bedraagt 42% over de eerste 110.000 euro van de totale S&O-loonsom per kalenderjaar en 14% van de resterende S&O-loonsom. Voor starters bedraagt het percentage 60% over de eerste 110.000 euro en 14% van de resterende S&O-loonsom. De bijdrage per onderneming, dan wel per fiscale eenheid, is maximaal 14 miljoen euro per jaar.

Aanvraag
Er mag maximaal 3 keer per jaar een aanvraag worden ingediend. De periode waarvoor WBSO kan worden aangevraagd, bedraagt minimaal 3 en maximaal 6 kalendermaanden. De aanvraagperioden mogen elkaar niet overlappen. De aanvraag moet worden ingediend minimaal 1 maand voordat de periode begint. Wilt u in 2012 gebruikmaken van WBSO, dien dan uiterlijk 30 november 2011 uw aanvraag in.

Meer informatie »

Bron: SubsidieTotaal.nl

Lees meer over:

Over Auteur

De redactie van XpertHR Actueel zorgt er gezamenlijk voor dat u op de hoogte blijft van het laatste P&O-nieuws, de ontwikkelingen in het vakgebied en relevante jurisprudentie.